Potjeslatijn

Een van de discussies van de laatste tijd richt zich op de kwaliteit van het gebruik van de taal Engels door docenten op Hogescholen en Universiteiten in Nederland. Tot in de achttiende eeuw was het op de meeste universiteiten gebruikelijk om in het Latijn les te geven en ook in die taal met elkaar te converseren. Er waren zelfs strenge regels en sancties als je je daar niet aan hield. Dit om de studenten zo snel mogelijk te laten wennen aan het gebruik van die taal. De basis werd meestal gelegd op de Latijnse school. In de katholieke kerk was het ook de taal van de gebedsdienst. En de officiële taal waarin de kerkelijke administratie werd vastgelegd. De kerkelijke rechtbank maakte zijn verslagen in het Latijn, de pastoor moest alles bijhouden in het Latijn en tot de Franse tijd werden ook doop, begrafenis en huwelijksregisters opgesteld in het Latijn. Ik heb in mijn boekenkast talloze stukken met interessante historische informatie, zoals dagboeken, die in het Latijn zijn opgesteld. Constantijn Huygens schreef zijn biografie in het Latijn. Zelfs in de negentiende eeuw was het in vele kringen nog gebruikelijk om stukken in het Latijn te schrijven. De stadsarchivaris van Aken, die in 1874 bronnen met betrekking tot het leven van Karel de Grote publiceert, schrijft zijn voorwoord in het Latijn. Hier onder het begin van dat voorwoord.

latijnHeden ten dage hebben de meeste mensen met een dergelijke tekst problemen, want wie kan nog makkelijk Latijn lezen? Verder: als je je echt verdiept in dergelijke teksten dan blijkt het vaak “Potjeslatijn” te zijn. De universele taal Latijn kreeg in Europa allerlei plaatselijke aanpassingen, die meestal voortkwamen uit vermengingen met de plaatselijke taal, maar vooral ook kwamen er zinsconstructies in terecht die meer aansloten bij de taalstructuur van de lokale spreektaal. Het werd inderdaad “Potjeslatijn”. Cicero zou er van gruwen. Maar: iedereen begreep het, het was “Latijn” genoeg om je verstaanbaar te kunnen maken. En zo kon je overal terecht.

Vanaf de zeventiende eeuw begon men op sommige universiteiten colleges te geven in de landstaal. Wat een ramp. Gelukkig deden ze daar in Nederland toen nog niet aan mee, want juist in de zeventiende eeuw kwamen erg veel buitenlanders in Nederland studeren. Maar onherroepelijk voltrok niet veel later het nationaliseringsproces zich ook hier. Wilde je in Nederland gaan studeren? Dan moest je eerst Nederlands leren. En zo was het bijna overal.

Langzaam groeien we weer naar de middeleeuwse situatie. Alle universiteiten krijgen steeds meer dezelfde spreektaal. Nu wordt er niet onderwezen en gecommuniceerd in de Latijnse maar in de Engelse taal. Voor mijn part in  “Potjesengels”. Als iedereen het maar begrijpt.

ABN wordt trouwens ook steeds meer “Potjesnederlands”. Een hele lekkere taart betekent feitelijk: niet een “halve”, maar een “hele” en ook nog eens een “lekkere” taart. Bijna iedereen (valt me steeds meer op) zegt een “hele” lekkere taart maar bedoelt te zeggen een “heel” lekkere taart. Om maar te zwijgen van alle aanpassingen die er in sluipen vanuit het straatgebruik, met name de Surinaamse of Antilliaanse invloeden. Ik heb het dan nog niet over de uitspraak. De langgerekte ie-klank (IJ) is naar ik vermoed ergens in de negentiende eeuw in het westen van Nederland overgegaan in een “ei” maar wordt nu zelfs steeds meer uitgesproken als een “ai”. (“Kaik ’s aan”). De “r” wordt ingeslikt als er een “k”, een “d” of “t” op volgt. (Paard wordt paad, Turkije wordt Tukkije, Portugal wordt Pottugal. Zachte klanken als Z, G en V worden aan het begin van een woord verhard, en de r op het einde van een woord wordt gewoon weggelaten.(“Ik cha fandaag naa de See”) Potjesnederlands? Ach. Taal evolutie zullen we maar zeggen.

Over Pieter Simons

Docent muziektheorie, componist. Interesses: geschiedenis algemeen, kunstgeschiedenis, lokale geschiedenis, muziek en muziektheorie, filosofie, astronomie, fotografie, natuur, wilde bloemen
Dit bericht werd geplaatst in filosofie, Geschiedenis, taal en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

3 reacties op Potjeslatijn

  1. gerard leurs zegt:

    en wat gaat er gebeuren met onze taal door het “taal”gebruik van onze kleinkinderen via wattsapp etc.???

    Like

  2. Nely zegt:

    Verliest de gesproken taal ook het contact met de geschreven taal ?

    Like

  3. Gelukkig hebben we een taalcommissie waar ook Vlamingen in zitten. Zij herkennen volgens mij nog veel van de achtergrond van het ABN ook in het Vlaams en waken er voor dat dat niet zo maar verloren gaat. Maar facebook, twitter en andere sociale media trekken zich steeds minder van ABN aan. Wat de invloed daarvan gaat zijn? Het ABN wordt misschien uiteindelijk net als Capella Amsterdam een kunstvorm die je weg mag gooien

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s