De Harmonie der Sferen

Pythagoras bestudeerde de lengte van snaren op een lier in relatie met hun toonhoogte. Hij ontdekte dat de verhouding van de lengte van de verschillende snaren zich op een bepaalde manier verhield tot de  hoogte van de tonen die hij hoorde. De lengte van de snaren is omgekeerd evenredig met de frequenties (de trillingsgetallen) van deze snaren. Wat hoorde hij?

toonladder1

Toen kreeg hij een mystieke ingeving, terwijl hij tijdens een nacht naar de sterrenhemel keek. Opeens voelde en hoorde hij de vibraties van alle planeten. Hij hoorde de harmonie der sferen, en die had een relatie met muziek. Dát probeerde hij op te schrijven. (Dit volgens Jamblichus  die de leer van Plato met die van Pythagoras probeerde te verenigen). Zo probeerde Pythagoras de tonen van een toonladder te koppelen aan de toen bekende planeten (waaronder zon en maan). Na hem deden Plato, Cicero en vooral Boethius dat ook. Het hele idee is tot in de 18e eeuw, zelfs nadat Copernicus ontdekt had dat alles om de zon draait, populair gebleven. Al die geleerden kwamen overigens tot iets andere toonladders. Pythagoras had zelfs een toonladder die meer dan vier octaven in beslag nam omdat hij zag hoe de maan in een maand om de aarde draait maar Saturnus er 30 jaar over doet. Zijn navolgers gingen op dit idee door, maar zij kwamen allemaal tot een toonladder die binnen het octaaf bleef. Bij Boethius zag de toonladder er als volgt uit.

toonladder3Vanuit de witte toetsen van de piano gezien begon deze toonladder dus op de A. Voor het octaaf werd de sterrenhemel zelf genomen.

Vanaf de aarde gezien was de eerste sfeer die van de maan, die overigens net als de andere sferen ook een kleur had. Daarna kwam de sfeer van Mercurius en zo voort. Het hele firnament bestond uit sferen. De laatste sfeer was de hoogste, de sfeer van de sterren, ook wel de hemelsfeer genoemd. Vaak werd deze hemelsfeer nog een keer in drieën gedeeld, waardoor er in totaal 10 sferen waren. (Denk ook aan de drie hemelsferen bij Geertgen tot Sint Jans, zie een eerder blog). Deze sferen waren in evenwicht: ze vormden “de harmonie der sferen”. Om de aarde klinkt eeuwig hemelse muziek. Is dat het wat ik altijd voel…

In eerdere blogs heb je kunnen zien hoe ook ik planeten koppel aan tonen van een toonladder. Maar mijn uitgangspunt is anders dan dat van Boethius. Ik ga uit van de muzikale werking van de positie van de toon in de toonladder. De werking van tonen in een toonladder denk ik als muziektheoreticus redelijk te doorgronden. Zo kan ik, zonder planeten er bij te halen, over elk interval wel iets vertellen, wat het doet in een toonladder en vandaar hoe dat zijn uitwerking heeft in allerlei muziek. Maar nu komt het: deze werking koppel ik aan de bestaande symboliek die hoort bij zon, maan en planeten. Deze symboliek, in de oudheid geformuleerd, komt voort uit de waarnemingen van de mensen indertijd als ze keken naar de bewegingen en andere verschijningsvormen van deze planeten. Kijk in deze tijd maar eens naar de ochtendhemel. Venus zie je als de meest heldere planeet, schitterend in al zijn  pracht. Zijn baan is als enige vrijwel cirkelvormig, dus buitengewoon volmaakt en harmonieus. (Ook dat hadden ze in de oudheid al waargenomen, hoe grillig was bijv. de baan van Mars). Venus schrijft onzichtbaar, met zijn terugkerende conjuncties met de zon, pentagrammen aan de hemel. Dat zie je pas na jarenlange waarnemingen. In welk dierenriemteken staan Zon en Venus bij hun conjuncties? Na vijf conjuncties staan ze op dezelfde plek! Het pentagram is klaar. Voilà: het is niet moeilijk om in Venus de godin van de schoonheid te zien. En dan komt mijn natuurkundige maar vooral ook muzikale waarneming. Dat pentagram, met diagonalen in de verhoudingen van de gulden snede, is gebaseerd op het getal vijf. Maar natuurkundig hoort het getal vijf ook bij de grote terts. De vierde boventoon van een toon is de terts en zijn trillingsgetal is vijf keer zo hoog dan dat van de basistoon. Zo zie ik de terts als een interval dat bij Venus hoort. Maar de muzikale gelijkenissen zijn nog overtuigender: hoe “voelt” een terts? De terts staat in de eerste plaats voor het fenomeen “kleur” in de muziek. Terts maakt majeur of mineur. En zo kun je naar alle tonen kijken, zie mijn eerdere blogs.

Zo ziet mijn hemelse toonladder er uit:

toonladder4

Ik ervaar het als een verrijking dat, wanneer ik kijk naar een planeet of naar de maan, het zien daarvan kan koppelen aan muzikale verschijnselen. Ik kíjk niet alleen naar de sterrenhemel. Net als Pythagoras, Plato en Boethius hóór ik de sterrenhemel. Ik hoor de harmonie der sferen…..

De musicerende planeten (eigen collage met psalmzettingen van Ives)

Over Pieter Simons

Docent muziektheorie, componist. Interesses: geschiedenis algemeen, kunstgeschiedenis, lokale geschiedenis, muziek en muziektheorie, filosofie, astronomie, fotografie, natuur, wilde bloemen
Dit bericht werd geplaatst in Astronomie, filosofie, muziek en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

w

Verbinden met %s