Afterglow

Hoe lang duurde de oerknal? Geen flauw idee. Wel weten we steeds meer over wat er onmiddellijk daarna gebeurde. Wetenschappers hebben berekend dat in de periode van 10-36 seconden tot 10-32 seconden na die oerknal, dat is een bijna niet te begrijpen ongelooflijk korte fractie van een seconde, het heelal gegroeid is van miljoenen keer kleiner dan een speldenprik tot de grootte van een golfbal. En die groei ging daarna door. Die golfbal bestond uit een plasma van quarks en gluonen. Gluonen zijn deeltjes die in staat zijn om quarks zowel van lading te laten veranderen als ook om ze aan elkaar te binden. We zitten hier op het niveau van de meest elementaire fysica. Er wordt steeds meer begrepen van deze processen maar nog steeds wordt er vooral heel veel niet begrepen. Uiteindelijk kunnen er elektronen en protonen ontstaan uit die quarks.

Dit alles blijft onzichtbaar, zelfs als er op een gegeven moment lichtdeeltjes, fotonen, worden gevormd. Deze botsen voortdurend als een gek op die protonen en elektronen en bewegen dan als een soort stuiterballetjes binnen het plasma. Pas als er nog grotere delen, atomen, worden gevormd (waterstof en helium), kunnen de fotonen in een rechte lijn hun weg door het zich uitdijende heelal vervolgen, om een kleine 13,8 miljard later ook bij ons aan te komen. Wij zijn feitelijk die fotonen vooruit gesneld als onderdeel van dat uitdijende heelal, nog niet als aarde maar als een oersoep van quarks en gluonen waaruit alles ontstaan is.

Oorspronkelijk hadden die fotonen een golflengte van het zichtbare licht. Door de uitdijing van het heelal is hun golflengte steeds langer geworden waardoor ze niet meer te zien zijn. Maar ze zijn wel te meten. En dat heeft de Planck telescoop in Californië gedaan. Deze telescoop werd op een minuscuul deel van het heelal buiten onze Melkweg gericht. De fotonen die ons nu, na 13,8 miljard jaar bereiken, zeggen ons iets over de situatie 400.000 jaar na de oerknal, over het moment dat de fotonen uit het plasma konden ontsnappen.

heelal

Dat beeld, het beeld van de nagloed of “afterglow” van de oerknal is wetenschappelijk bijzonder interessant. Wetenschappers hebben hierdoor ontdekt:

  1. Dat het heelal 100.000 jaar eerder is ontstaan als daarvoor werd gedacht.
  2. Dat er toen kleine temperatuurverschillen waren in dat plasma.
  3. Dat door die temperatuurverschillen de atomen en later ook alle andere elementen zich niet evenredig over dat heelal gingen verdelen, maar dat er slierten van materie gingen ontstaan. De basisopbouw van melkwegstelsels werd daarmee gelegd.
  4. Dat de nieuw geschatte expansiesnelheid van het universum iets kleiner is dan eerdere schattingen die waren afgeleid van waarnemingen door ruimtetelescopen, zoals Spitzer en Hubble van de NASA, en die verkregen waren met behulp van een andere techniek.
  5. Dat het gehalte aan donkere materie in het universum 26,8 procent is, een stuk meer dan eerder was berekend.
  6. Dat de hoeveelheid donkere energie een stuk kleiner is.
  7. Dat de “normale” hoeveelheid materie 4,9 procent is, iets meer dan eerder werd aangenomen.

Nou en? Wat ik vooral opmerk is dat dezelfde fascinatie die mensen als Galilei of Huijgens hadden wanneer ze nieuwe dingen door hun eigen gemaakte telescopen ontdekten, dat die er nog steeds is. Het is ongelooflijk hoeveel er nog te ontdekken valt. Zowel heel dichtbij maar ook, zoals hier, ongelooflijk ver af.

Verder zie ik in die foto van de afterglow “stringen”, iets als de stringen van ons DNA. De eerste temperatuurverschillen leidde tot enorm complexe structuren zoals die van melkwegstelsels. Maar de vingerafdrukken daarvan waren er al, in de afterglow. En in ons DNA zit de vingerafdruk van een levend persoon, een uniek iemand. Die onderdeel is van een gezin, familie, zoogdierenfamilie. Die afstamt van een bacterie, een eencellig iets. Zo is er in de vroege geschiedenis van de aarde, zo’n 4 miljard jaar geleden, iets gebeurd waardoor uit een plasma van koolstofcomplexen een levend wezen ontstond. Het ontstaan der dingen herhaalt zich, voortdurend. Binnen een melkwegstelsel worden nieuwe sterren geboren uit sterrenstof. Tegelijk gaan er sterren dood. In ons lichaam worden voortdurend cellen vernieuwd. Ook op aarde wordt het leven voortdurend vernieuwd. De basisingrediënten, quarks en gluonen zijn er nog steeds. We snappen er bitter weinig van, het gaat ons begrip eigenlijk nog steeds te boven. Ik moest ook denken aan kikkerdril. Een kikker legt eitjes in een kleverig doorzichtig pudding-achtig goedje. Een soort plasma.. Die eitjes worden steeds groter. In elk eitje zit in aanleg een kikkertje. Het kikkertje worstelt zich naar buiten in de vorm van een kikkervisje en gaat de wijde waterwereld in. Als hij dan pootjes krijgt kan hij ook nog eens een keer het land verkennen. Het leggen van het eitje is als het ware het begin van de oerknal. Het ontsnappen uit het plasma is vergelijkbaar met het foton dat eindelijk de wijde wereld in kan. Bij de mens is dat de geboorte van een kind. Heel banaal gesproken zou je de ejaculatie van een man kunnen zien als een oerknal…

Terug naar de structuur die we zien in de afterglow en die daarna in het groot wordt omgezet naar de structuur van het heelal met al zijn melkwegstelsels. Maar ook in ons menselijke bestaan zijn er bijzondere structuren waar te nemen. De meest universele structuur zien we bij muziek. Mijn kleinzoon ontdekt voortdurend hoe muziek werkt, hij zoekt totdat hij grondtonen heeft, totdat hij akkoorden hoort, hij creëert nieuwe muziekstukjes die een begin en een einde hebben. En die zich de volgende dag herhalen, nu klinken ze net weer iets anders. Het zijn allemaal nieuwe, vluchtige structuren. Die tekent hij ook. Telkens maar weer. Honderden tekeningen maakt hij. De kosmos wordt door hem ontdekt, zo niet opnieuw uitgevonden. De afterglow van al die kunde zit in zijn genen, in zijn DNA, in zijn collectieve bewustzijn zou Jung zeggen. Maar ook in de natuur, want alles is gebaseerd op natuurkundige logica, als 1:2 (octaaf, herhaling, herkenning van iets dat is afgeleid uit het vorige) of 2:3 (elk iets heeft al een natuurlijke tegenstelling in zich) of 27 ≈ 3/212 (in de muziek: 7 octaven is vrijwel gelijk aan 12 kwinten, dat is dan de basis van de kwintencirkel, de logica van akkoorden, van akkoordprogressies en van toonsoorten). Al die natuurkundige grootheden worden door de mens ervaren, vooral in de muziek en elke muzikale ervaring heeft denk ik uiteindelijk een grondslag in de natuurkunde. De afterglow die leidt tot het heelal en wellicht zelfs tot het leven bevat in de kern misschien al het geheel van onze menselijke ervaringen en emoties. Dus als we muziek maken beleven we de kosmos en gaan we op onze manier voort op het heel oude idee van de afterglow. De harmonie der sferen bij Pythagoras ging oorspronkelijk niet verder dan tot de zon, maan en de zichtbare planeten. Als ik kijk naar de afbeelding van de afterglow van de Planck telescoop zie ik niet alleen nieuwe structuren ontstaan, ik hoor al muziek.

Dit klinkt misschien allemaal wat hoogdravend. Maakt niet uit. Of je je dit bewust bent (bijna niemand), een beetje bewust bent (misschien ik) of dat het je niet interesseert en je je er helemaal niet bewust van bent: je ontkomt er niet aan. Ook als je bij de dag leeft ben je onderdeel van dat geheel en als je muziek maakt of er naar luistert ervaar je het stiekem toch, ook al heb je er geen weet van… En vooral de grote kunstenaars laten ons voortdurend iets van die afterglow ervaren.

Zie ook:

  • Site nasa over de Planck missie
  • Het kosmisch rariteitenkabinet, laatste hoofdstuk. George van Hal en Ans Hekkenberg. Fontaine uitgevers 2019, ISBN 978 90 5956 9577 NUR 917
Geplaatst in Astronomie, filosofie | Tags: , , | 2 reacties

Pianoconcert

Op mijn computer had ik ingelogd bij youtube en het tweede pianoconcert van Rachmaninov werd gespeeld.
-‘Wat is dat?’ vroeg mijn oudste kleinzoon nieuwsgierig. Hij bleef enkele minuten kijken, toen had hij het alweer gezien en ging hij verder spelen. Hij had zich verkleed als bisschop, was omhuld met een deken en had een papieren mijter op zijn hoofd die ik voor hem had gefabriceerd.

Een uur later wilde hij een orkest formeren. Hij had nodig: een dirigent, publiek, orkestleden en een pianist. Alle vacatures waren nog open, alleen die van pianist, die was al vergeven. Hij zelf wilde de piano bespelen. Alleen zijn twee jaar jongere broertje en ik waren aanwezig. Ik kreeg de kop van een fluit in mijn handen gedrukt en moest onderdeel van het orkest zijn. Zijn broertje had niet zo veel zin maar deed dan toch maar mee: hij kreeg een schellenraam. De pop Basje zou moeten dirigeren, alleen die bleef niet staan, hij viel alsmaar om. Ik wist hem klem te zetten tussen een stoel en een doos. Hij stond er klaar voor. Jammer genoeg was er geen publiek, maar als oma straks thuis kwam kon die misschien publiek zijn.

pianist

De pianist kwam op, maakte een buiging, ging achter de piano zitten en begon te spelen. Het orkest viel gelijk in en vooral het slagwerk liet zich uitbundig horen. Af en toe keek de pianist een beetje verstoord naar het orkest. Toen het stuk was afgelopen was een van de orkestleden verdwenen, die vond het denk ik niet zo’n erg boeiend pianoconcert. De pianist was niet tevreden maar misschien zouden we het de volgende dag als oma er ook was nog een keer kunnen over doen.

De volgende dag was oma er. De pianist had precies in zijn hoofd wat hij wilde. Weer was Basje de dirigent, dat was goed bevallen. Nu waren er ook poppen als publiek, zijn jongere zusje bespeelde de djembé, zijn broertje de kop van de fluit, opa tokkelde op de cither en oma schelde het schellenraam. Alles mislukte, nog voordat de pianist zijn buiging had gedaan begonnen sommige leden van het orkest al te spelen en niemand leek te luisteren naar de solist. Huilend en krijsend verliet deze de zaal. Opa opperde dat opa misschien dirigent zou zijn?

pianist3Het ging iets beter maar toch kon de pianist er ook nu weer alleen maar om huilen. Toen zou oma nog een poging wagen. Zij liet als dirigent alle instrumenten een voor een spelen maar: zó zat dat stuk toch niet in elkaar! De pianist ging compleet over de rooie. Het concert eindigde in een ware rel. De premiere van de Sacre was er niets bij.

Muziek maken  is voor mijn oudste kleinzoon gewoon een spelletje, het is niet iets dat spontaan kan ontstaan. Hij heeft het verloop van het spel van te voren al helemaal in gedachten en daar mag niet van worden afgeweken. Net als bij voetballen. Hij heeft een soort film in zijn hoofd van een voetbalwedstrijd en speelt die film na, inclusief juichen en joelen. Een weglopende keeper, dat kan niet. Dat onderbreekt zijn film en hij wordt woedend. Iedereen die mee doet is feitelijk slechts een soort figurant in zijn film. Ook de spelregels, die moeten altijd op dezelfde manier. Of nee, laatst verzon hij zelf een nieuwe spelregel. Als je aan de rechterkant de bal uit schopt dan mag hij ingegooid worden naar jezelf. Aan de linkerkant mag dat niet, dan gooi je naar iemand anders. Dat verzint hij dan en vanaf dan is dat een spelregel. De figuranten hebben dat maar te slikken.

Zo waren er vooral afgelopen woensdag enkele “spelletjes”, muziek maken en voetballen, die hij zich heel anders had voorgesteld. Gelukkig heeft hij daarna nog lekker een half uurtje in zijn eentje gespeeld met het kneedzand, Hij maakte het eiland Solor met een hoge vesting in het midden. En babbelde en fantaseerde dat het een lieve lust was. De dag eindigde vredig. De volgende week wil hij toch weer een keer een pianoconcert uitvoeren. Maar dan mogen zijn broertje en zusje niet mee doen…

Geplaatst in autisme | Tags: , | Een reactie plaatsen

Auschwitz

Morgen is het 75 jaar geleden dat concentratiekamp Auschwitz werd bevrijd. Een bijzonder indringend muziekstuk waar ik aan moest denken schreef Schönberg in 1947-48. Schönberg, zelf ook jood, was zich op een gegeven ogenblik intensief bezig gaan houden met de joodse cultuur. Hij emigreerde al voor de tweede wereldoorlog naar de Verenigde staten. Na de oorlog kreeg hij het verzoek om een muziekstuk te schrijven ter nagedachtenis aan de gebeurtenissen in het getto van Warschau en aan de dingen die er op volgden: de laatste gang naar de gaskamer. Hoofdpersoon is een jood die dit alles heeft overleefd, al kan hij zich zelf niet meer herinneren hoe. Ruim twee jaar voor zijn eigen dood liet Schönberg ons dit beklemmende muziekstuk na.

Zie ook het uitgebreide artikel over dit stuk op wikipedia:

Een overlevende uit Warschau

Geplaatst in Geschiedenis, maatschappij, muziek | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

De ontwikkeling van het leven op de aarde

In mijn boekenkast staan enkele boeken die gaan over de ontwikkeling van de aarde.  Maar nu vond ik op youtube een buitengewoon heldere en informatieve film. In ruim elf minuten zie je de aarde langzaam veranderen. Er zijn enkele extreme periodes waarin de aarde miljoenen jaren achter elkaar compleet bevroren is, niet een klein beetje, maar echt heel stevig. Temperaturen als op heel koude dagen in de wintertijd aan een van de polen maar dan als gemiddelde temperatuur of zelfs nog lager, op heel de aarde. De laatste ijstijden die bijvoorbeeld de Neanderthaler nog mee maakte waren in vergelijking daarmee maar heel kort en stelden relatief zó weinig voor dat ze op deze schaal niet eens te zien zijn… Ook zijn er perioden dat het veel warmer was.  En de zee werd soms paars door de grote hoeveelheid zwavel of hij werd rood door het ijzeroxide. De samenstelling van de atmosfeer veranderde ook voortdurend. En dat zonder ingrepen van de mens, die was er nog niet. Er was een heel lange periode leven op aarde zonder dat er zuurstof was. En toen de eerste zuurstof in de atmosfeer van de aarde kwam was dat een regelrechte ramp, het grootste deel van het leven wat er toen was kon er niet tegen en ging dood. En zo zijn er nog veel meer rampen geweest. Op het heel grote geheel stelt de mens totaal niets voor en alles wat hij doet ook niet. Deze film geeft een besef van die nietigheid.

De tijd vanaf dat de aarde bestaat gaat in de film lopen vanaf 14 seconden. Vanaf dan zien we in 11 minuten en 10 seconden de ontwikkeling van de aarde over 4,54 miljard jaar. Elke seconde van het filmpje staat zo voor ongeveer 6 miljoen jaar. Pas in de laatste seconde van het filmpje is de mens op aarde verschenen….

Ik geef hier onder de tijd in minuten en seconden (van het filmpje ) weer van de meest belangwekkende momenten. Het rode cijfertje 1 op de tijdbalk hieronder en ook in de beschrijving van mij daaronder staat zo voor de geboorte van de aarde. Op dit moment leven we bij cijfer 47. Boven elk cijfer staat hoeveel miljoen jaar geleden deze gebeurtenis plaats vond. In de beschrijving van al deze gebeurtenissen staat tussen haakjes het punt van de film waar je die gebeurtenis en nog andere wetenswaardigheden van dat moment kunt terug vinden. Bij cijfer 6 is er al sprake van eencellig leven. Bij 20, halverwege de huidige leeftijd van de aarde, zitten we nog maar pas in de fase van blauwalgen en bacteriën, bij 24 komt de eerste voorouder van algen en planten. Bij 31 komen de eerste dieren, bij 39 de eerste insecten, bij 44 de eerste zoogdieren. De samenstelling van de atmosfeer verandert voortdurend heel sterk. Vóór cijfer 34 lijkt hij totaal niet op die van de huidige atmosfeer. Elk cijfer begint met het aangeven van de gemiddelde temperatuur op aarde op dat moment.

tijdlijn1tijdlijn2tijdlijn3tijdlijn4

  1. 4000 °C. De aarde is net gevormd en koelt al snel af. (0:14)
  2. 900 °C. Er is iets heel heftigs gebeurd. Een planeet met de grootte van Mars botst tegen de jonge aarde. De twee versmelten, in de kern van de aarde komt veel ijzer terecht. Door de botsing wordt er een enorme wolk gruis en gas de ruimte in geslingerd. Een groot deel daarvan blijft om de aarde heen draaien en klontert langzaam samen: de maan is geboren. De maan zelf komt in een redelijk stabiele baan, maar de afstand tot de aarde neemt geleidelijk toe. Nog steeds is dat het geval. In de nabije toekomst zal een volledige zonsverduistering nooit meer helemaal volledig kunnen zijn.  De aarde draait om zijn as in 4 uur en 8 minuten, dus bijna 6 keer zo snel als nu. De atmosfeer heeft nog geen zuurstof maar vooral CO2 (71%) en stikstof (24%). De hoeveelheid stikstof blijft daarna toenemen en de hoeveelheid CO2 blijft afnemen waardoor de aarde snel verder kan afkoelen. (0:20)
  3. 220 °C. Er ontstaat water in de vorm van waterdamp. Tegelijk ontstaat er door de aantrekking van de maan (die veel dichterbij de aarde staat dan nu!) getijdenwerking in deze dampende aarde. (0:30)
  4. 210 °C. Deze watermassa wordt van complexe moleculen voorzien door inslagen van meteoren. Het eerste primitieve leven ontstaat nu waarschijnlijk in die kokende oceaan. Ook begint de plaattektoniek op gang te komen door de afkoeling van de oceaan: In de oceaan gaat zich land vormen. (0:36)
  5. 87 °C. Er gebeurt van alles bij de buitenste planeten van ons zonnestelsel. Hun banen veranderen, ze worden instabiel en daardoor raken ook objecten in de asteroïdengordel op drift. Vele malen wordt de aarde getroffen door een inslaande asteroïde. De gevolgen zijn desastreus. maar toch weten enkele eencelligen te overleven. De hoeveelheid CO2 is intussen geleidelijk aan afgenomen tot ongeveer 12%, de hoeveelheid stikstof is toegenomen tot 75%. (0:49)
  6. 34 °C. de eerste stromatolieten worden gevormd: fossielen van neergeslagen micro-organismen. Dit is het vroegste bewijs van leven op aarde. (1:14.)
  7. 32 °C. In de diepten van de oceaan leeft een klein eencellig wezen. Dit is het oerwezen van al het huidige leven op aarde. De CO2 is vrijwel helemaal uit de atmosfeer verdwenen. Deze bestaat nu voor 98% uit stikstof. Deze samenstelling van de atmosfeer blijft zeer lang achter elkaar vrij stabiel.  De aarde draait nu in 7:13 uur om zijn as. (1:19)
  8. 27 °C. De eerste fotosynthese in het water vindt plaats. (1:56)
  9. 26 °C. Voor het eerst heeft er zich een continent gevormd. (2:12)
  10. 25 °C. Een meteoor inslag ter grootte van de Mount Everest vindt plaats in Zuid-Afrika (Barberton). Tsnunami’s met golven van 1000 meter hoog en hevige aardbevingen zijn het gevolg. (2:20)
  11. 24 °C. Eerste leven op het nog jonge land. (2:25)
  12. 20 °C. Kleinere stukjes land klonteren samen tot een enkel continent: Ur. Dit is overigens nog kleiner dan Australië. In ongeveer dezelfde tijd vindt er een enorme meteoor-inslag plaats in het huidige Groenland. Niet lang daarna komt er voor het eerst een kleine hoeveelheid zuurstof in de atmosfeer voor. (3:00)
  13. 10 °C. Er vindt een soort ijstijd plaats. Voor het eerst is er ijs op de aarde en wel aan de zuidpool. (3:19)
  14. 16 °C. De IJstijd is weer voorbij. Maar hij heeft wel meer dan 120 miljoen jaar geduurd! (3:40)
  15. 16 °C. Eerste blauwalgen. (3:51)
  16. 15 °C. De aarde krijgt een atmosfeer met zuurstof, het “Great Oxygenation Event (GOE)” Dit wordt veroorzaakt door cyanobacteriën die fotosynthese veroorzaken. Dit proces heel lang geduurd, van ongeveer drie miljard jaar geleden tot ongeveer een miljard jaar geleden. Fotosynthese produceerde zowel vóór als na de GOE zuurstof. Het verschil is dat vóór de GOE organische stof en opgelost ijzer chemisch alle vrije zuurstof afvingen. De aarde heeft veel ijzer en ijzer heeft een hogere oplosbaarheid dan zijn oxiden, dus de oceanen hadden veel opgelost ijzer. Het werd ijzeroxide en maakte enorme afzettingen als ijzerband. Toen niet genoeg ijzer overbleef om zuurstof op te vangen, verzamelde zich vrije zuurstof in de atmosfeer. Overigens was die hoeveelheid nog niet veel meer dan 1%, nu zitten we op 21%. (4:27)
  17. 15 °C. Ten gevolge van bovenstaand proces beginnen de oceanen rood te kleuren. Door de zuurstof in de atmosfeer sterft bijna al het leven uit. (4:33)
  18. -26 °C. Vrijwel al het methaan in de atmosfeer verdwijnt, ten gevolge daarvan bevriest de hele aarde in korte tijd. De aarde blijft meer dan 300 miljoen jaar achter elkaar bevroren. (4:41)
  19. 15 °C. Onder de ijslaag heeft zich langzaam een laag CO2 opgebouwd. Deze doorboort uiteindelijk de ijslaag en komt in de atmosfeer terecht, met een snelle opwarming tot gevolg: einde van deze zeer lange en extreme ijstijd. In de diepte hebben een aantal eencelligen kunnen overleven. Al snel worden daarna de eerste meercellige wezens gevormd. (5:31)
  20. 13 °C. Bacteriën met een vorm zoals ze ook nu nog hebben worden gevormd. (6:04)
  21. 13 °C. Grote inslag door asteroïde van 10-15 km groot in Canada. (6:12)
  22. 13 °C. Er ontstaat een groot supercontinent naast nog wat kleinere eilanden. (6:37)
  23. 13 °C. De oceanen kleuren paars door grote hoeveelheden zwavel, veroorzaakt door bacteriën. (6:55)
  24. 13 °C. De eerste voorouder van alle algen en planten ontstaat vanuit bacteriën. Even later ontstaan ook de eerste schimmels in het water. (7:05)
  25. 12 °C. De eerste algen verschijnen op het vasteland. (7:27)
  26. 12 °C. De eerste paddenstoelen verschijnen op het land (7:46)
  27. 12 °C. Het supercontinent breekt weer in tweeën. (7:53)
  28. 12 °C. De eerste fotosynthese vindt plaats op het land. De eerste vormen van voortplanting via seks vinden plaats. (8:01)
  29. 12 °C. Allerlei landplanten beginnen zich te ontwikkelen. (8:59)
  30. -35 °C. Grote wereldwijde ijstijd. Veroorzaakt door grote vulkaan uitbarstingen en het verdwijnen van veel CO2 uit de atmosfeer. Hij duurt langer dan 60 miljoen jaar. (9:21)
  31. 15 °C. Einde van de ijstijd. Kort daarna begint het leven van de eerste, nog uiterst primitieve dieren. (9:30)
  32. -45 °C. Zeer felle ijstijd. (ongeveer 15 miljoen jaar) (9:32)
  33. 15 °C. Einde ijstijd. De hoeveelheid zuurstof in de atmosfeer begint nu pas stevig toe te nemen, tot deze tijd was het nooit meer dan 1%. De hoeveelheid stikstof neemt af. Een dag duurt inmiddels 21:08 uur. (9:36)
  34. 16 °C. Begin van de vorming van de ozonlaag. (9:42)
  35. 17 °C. Na een korte ijstijd ontstaat nu uitgebreid meercellig leven. (9:45)
  36. 24 °C. Begin van het cambrium, vlak na weer een korte ijstijd (9:52)
  37. 28 °C. Eerste trilobieten (9:55)
  38. 22 °C. Planten beginnen het land te veroveren. (10:03)
  39. 26 °C. Eerste insecten. Niet veel later zien we ook de eerste bomen en de ontwikkeling van bladeren. De hoeveelheid zuurstof in de lucht is geleidelijk gestegen tot een maximum van 24% maar is inmiddels weer afgezakt tot 18%. (10:16)
  40. 19 °C. de eerste vliegende wezens: insecten. Niet veel later komst amfibieën. (10:23)
  41. 12 °C. Ontstaan van Pangea. (Supercontinent dat veel later weer in stukken breekt en dan de huidige continenten gaat vormen). Eerste sprinkhanen. (10:29)
  42. 24 °C. Eerste warmbloedige dieren. De hoeveelheid zuurstof zit al een hele tijd op ongeveer 33%, veel meer dan nu dus. (10:37)
  43. 28 °C. Tussen het perm en het trias vindt er een gebeurtenis plaats die bijna zijn weerga niet kent. In de volksmond heet dit de “Big Dying”, die ongeveer 252 miljoen jaar geleden plaats vond. Het is de meest ernstige bekende uitstervingsgebeurtenis van de aarde, waarbij 96% van alle waterdieren en 70% van de gewervelde landdieren uitsterven. Ook sterven zeer veel insectensoorten uit.  Omdat zoveel biodiversiteit verloren gaat, duurt het herstel van het leven op het land aanzienlijk langer dan na een andere uitstervingsgebeurtenis, mogelijk tot 10 miljoen jaar. Mogelijke oorzaken zijn een of meer grote meteoorinslagen, enorme vulkaanuitbarstingen of grote methaan producerende microben. De hoeveelheid zuurstof zakt nu weer tot 20%. Toch, enkele miljoenen jaren later grijpen bepaalde soorten hun kans: de eerste dinosaurussen en krokodillen verschijnen. (10:39)
  44. 20 °C. Eerste zoogdieren. (10:47)
  45. 20 °C. Door een grote krater inslag wordt de aarde verduisterd en sterven onder meer de dinosaurussen uit. De hoeveelheid zuurstof is nog maar slechts 15%. (10:57)
  46. 16 °C. Voorloper van de mensapen en van de mens, De hoeveelheid zuurstof is weer opgelopen tot 23%. (11:21)
  47. 16 °C. De eerste mens. Er zit nu 21% zuurstof in de atmosfeer. De dag duurt 24 uur. (11:24)

tijdlijn1tijdlijn2

tijdlijn3tijdlijn4

Wetenschappers van over de hele wereld hebben intussen dit en nog meer dingen over de geschiedenis van de aarde ontdekt. Het allereerste begin (tot en met cijfer 5) en zelfs nog de periode die er aan vooraf ging wordt zeer illustratief beschreven in onderstaande vier filmpjes die op elkaar aansluiten en die tezamen een film vormen van ongeveer 35 minuten. We zien hoe de aarde eerst een veel kleinere planeet is en veel groter wordt, hoe de maan geboren wordt, hoe na rampen met kolossale inslagen (cijfer 5) sommige eencellige wezentjes weten te overleven en hoe de aarde daarna weer herstelt. Een prachtige film die ook inzicht geeft in het werk van wetenschappers van over de hele aarde.

 

 

Geplaatst in Astronomie, filosofie, maatschappij | Tags: | Een reactie plaatsen

Jezus wordt geboren in het riet en Alexander wordt gedoopt

-‘Alle hotels zijn vol…. O nee, ik zie een kribbe…… ik zie een koe en een schaap ……’
-‘3….. 2 …….1’ Jaaah! Jézus is geboren.

herderGisterochtend liepen mijn vrouw en ik met onze oudste kleinzoon door het riet. Hij had een herdersstaf in zijn hand. Na een tijdje werd hij opeens Jozef. Zijn fantasie sloeg op hol. Kerstmis is dan wel allang voorbij, maar zoals zijn zusje van drie jaar nog regelmatig Sinterklaasliedjes zingt, zo speelt hij in zijn fantasie nog steeds graag het kerstverhaal na. Jezus werd geboren, en dat gebeurde in een wip: floep, daar was hij. De dag ervoor zat hij bij mij te kijken naar een foto die ik gemaakt had in het Bonnefantenmuseum, een foto van een schilderij van een Italiaanse kunstenaar die de geboorte van Jezus had geschilderd. Waarschijnlijk kwam hij daardoor die ochtend in het riet op dat idee. We liepen verder door het prachtige ochtendlandschap. Een heel eind verder kwamen we bij het eiland Solor, dat is een van zijn fantasielanden.

solorSolor is een mooi exotisch eiland maar waar wel Nederlands wordt gesproken, alhoewel met een behoorlijk accent. Dat kan hij perfect uitspreken. Het is geen Limburgs, geen Vlaams, geen Zuid-Afrikaans maar het heeft van dat alles iets weg. Hij is blij en straalt, het moet wel een prachtig eiland zijn. Het is trouwens geen eiland maar een schiereiland.

Hij kijkt regelmatig naar filmpjes die met het koninklijk huis te maken hebben. Want zo maar uit het niets kan hij een scene uit zo’n film gaan naspelen. Vooral plechtigheden vindt hij erg boeiend. Zoals de doopplechtigheid van Willem-Alexander. Om dat zo echt mogelijk te maken gebruikt hij een pop. Deze krijgt een doopjurk aan en er worden plechtige woorden uitgesproken. Grappig is dat hij nu ook teksten erbij fantaseert, althans ik hoorde hem dingen zeggen die volgens mij in het echt nooit gezegd zijn. Hij weet dat Claus in het begin niet geaccepteerd werd. Hij doet de stem van Claus na en heeft het over zijn eigen Duitse verleden. Het typische accent van Claus wordt perfect geïmiteerd. En na de doopplechtigheid moet de kleine Alexander verzorgd worden. Dat doet hij liefdevol met een flesje. Het had trouwens net zo goed Jezus in de kribbe kunnen zijn..

Dat verhaal komt natuurlijk voort uit de huwelijksplechtigheid van Claus en Beatrix, toen er rookbommetjes naar de koets werden gegooid, toen er werd gejoeld maar tegelijk ook “Oranje boven” werd gezongen. Die scene heeft hij dus ook gezien en die doet hij af en toe na. Hij is dan Claus die voor het raampje van de koets zit te zwaaien, maar intussen hoor je afwisselend joelende mensen en zingende mensen. En Claus maar zwaaien. Als je niet weet waar het over gaat denk je dat je in een slechte film terecht bent gekomen. Het klinkt akelig, een soort massahysterie, als van voetbalsupporters, met daar tussen door flarden “Oranje boven”. Claus blijft intussen minzaam kijken en zwaaien.. Het deed me denken aan de marktscene van het ballet Petrouchka op muziek van Igor Strawinsky. Je hoort daar flarden van marktgeluiden, een draaiorgel en nog andere dingen, die elkaar overlappen. Geniaal gecomponeerd. Hieronder een heel klein stukje daar uit.

Hoe fascinerend en mooi ook, dat mijn kleinzoon zo fantaseert: het gebeurt ook op momenten dat de buitenwereld hier niet op staat te passen. Bijvoorbeeld op de terugweg naar zijn ouders, in de auto. Terwijl zijn broertje en zusje iets tegen opa en oma willen vertellen. En hij gaat intussen maar door met zijn “provo-geluiden”, je wordt er knettergek van. ‘Kan het wat zachter’ heeft tot gevolg dat hij vijf seconden iets minder geluid maakt, maar ja: zacht joelen, hoe doe je dat? Vragen om te stoppen helpt niet. Gebieden om te stoppen maakt dat hij even schrikt en stil is, maar “zijn film” was nog niet af. Hij gaat weer door. De auto stil zetten en zeggen dat je pas weer gaat rijden als hij stopt: zo gauw je gaat rijden gaat hij gewoon weer door. Het is duidelijk onmogelijk voor hem om dan te stoppen. Die inwendige film moet eerst af zijn. Je kunt hem het beste maar laten tot je bent gearriveerd. Als zo iets vlak voor het eten bij ons gebeurt weet ik trouwens een probaat middel:
-‘Je kunt nu beginnen met tellen.’
Hij begint onmiddellijk tot honderd te tellen. Het tellen-ritueel vlak voor het eten is nog net iets belangrijker, daar moet alles voor wijken. Maar ik stel me voor hoe moeilijk het moet zijn als hij bijvoorbeeld in zo’n eigen film terecht komt op het schoolplein, of in de gymzaal. Ik heb met de juffen te doen..

Afgelopen dagen waren voor hem en ook voor ons een feest. Hij had anderhalve dag mogen logeren. We hadden overal de tijd voor, hij bleef maar zingen, piano spelen en fantaseren. En vragen stellen. Bij een blinde vriend heeft hij het principe van braille geleerd. Dat vond hij reuze interessant.

brailleBij het weggaan pakte hij de twee handen van mijn vriend vast en voerde met hem een soort dansje uit. Een brede grijns verscheen op allebei de gezichten. Mijn kleinzoon is dan zo ontwapenend dat hij iedereen voor zich weet in te nemen. Hieronder een kleine geluidsopname. Hij speelt met autootjes en zingt in zichzelf terwijl wij met elkaar praten. Even later improviseert hij een melodietje aan de piano:

’s Middags kwam papa hem halen om hem mee te nemen naar zwemles. Dat laatste was denk ik nog niet het ergste. Maar hij moest schakelen. Opeens was papa er weer, wat hij leuk vindt maar waar hij dan opeens weer aan moet wennen. Dus tranen met tuiten, hangend tegen papa aan. Zijn grote blijdschap slaat in een keer om in een levensgroot verdriet. Zijn vader vertelde ons dat hij, en ook zijn broer, dat als kind ook hadden.

Nu is hij weer naar school. Het eiland Solor heeft weer plaats gemaakt voor andere dingen. Het kerstverhaal zullen ze daar nu wel niet meer vertellen. De herdersstaf ligt in het riet. Maar: na school maakt hij vast weer een mooie tekening. Zoals deze. In hooguit vijf minuten was hij klaar. We zien Willem-Alexander en Maxima, op weg naar de huwelijksplechtigheid.

tekening

Geplaatst in autisme | Tags: , | 1 reactie

Bonnefanten Museum

manholeMaurizio Cattelan maakte een driedimensionaal zelfportret, Manhole, dat jaren lang iedereen die er langs liep aankeek, vanuit een gat in de grond. Dat was in museum Boijmans van Beuningen. Waar het nu gebleven is weet ik niet, want vanwege de renovatie is het samen met duizenden andere kunstwerken uit het oude gebouw verwijderd. Een groot deel van de vaste collectie is nu te zien op tentoonstellingen in andere musea zoals in het Chabotmuseum of in de Kunsthal.

Ik moest aan dit werk denken toen ik gisteren in Maastricht de tentoonstelling “Bumped Body” van Paloma Varga Weisz bezocht. Daar zag ik onder meer dit beeldje.

beeldjePaloma Varga Weisz snijdt als een ouderwetse ambachtsman beelden uit hout en is daar inmiddels heel bedreven in. Haar inspiratie haalt ze eerder uit kranten, mediabeelden of pornowebsites, dan uit een sprookjes wereld zegt ze zelf. Er waren enkele grote objecten die samen soms een hele ruimte innamen zoals “Galgenfeld” met drie vrouwen. Je hebt onmiddellijk associaties met Golgotha, maar de drie figuren zijn gebaseerd op het lichaam van de kunstenares zelf. Het meest werd ik geraakt door een aantal kleine beeldjes. Het waren geen mensen, eerder een soort lieve duiveltjes. Zelf noemt ze hen “Wilde Leute”.

duiveltjes3duiveltjes2duiveltjes1

Ik bezocht ook weer een deel van de vaste collectie. Ik ging niet naar de prachtige collectie houtsnijwerk uit vooral de middeleeuwen maar bezocht een afdeling met schilderingen. Vier schilderingen  sprongen er voor mij uit. De eerste twee waren van Italiaanse kunstenaars, het waren panelen met tempera beschilderd.

di pietroOp een paneel zag je Maria met kind en daarnaast twee Franciscaanse monniken: de heilige Franciscus en de heilige Bernardinus van Siena. Het paneel zal wel gestaan hebben in een Franciscaanse kerk in Siena of omgeving. Franciscus herken je aan de stigmata, de wonden die hij spontaan kreeg op zijn lichaam, op de plaats waar Christus  wonden had, veroorzaakt door de kruisiging. Bernardinus herken je aan het IHS symbool dat hij in zijn handen houdt en dat door hem schijnt te zijn “uitgevonden”.  Later wordt dit het bekende embleem van de orde van Jezuïten. Bernardinus is bekend om het verzorgen van pestlijders, om zijn missionering en om zijn preken. Hij is  in 1446 overleden, veertien jaar voordat hij op dit paneel is vereeuwigd. Het Bernardinuscollege in Heerlen is trouwens naar hem genoemd. Maar: het was vooral de mooie intieme houding van moeder en kind die me trof. En weer zoals zo vaak: het bedroefde gelaat van Maria, die al weet wat haar kind te wachten staat. Franciscanen hadden vanaf het begin een speciale band met Maria. In Maastricht komt het beroemde beeld van de Sterre der Zee oorspronkelijk ook uit het Franciscaner (Minderbroeders) klooster. De maker van dit paneel is Sani di Pietro die leefde en werkte in Siena. Het stamt uit omstreeks 1460, nog net voor de periode van de hoogrenaissance met kunstenaars als Leonardo da Vinci.

grannacciEen ander mooi werk vond ik een paneel met daarop Jozef, Maria, Jezus en Johannes de Doper. Een enigszins ongebruikelijke combinatie. Jozef zie je in die tijd zoals ook hier vooral bij de scene van de geboorte van Jezus, maar dan staat hij meestal een beetje op de achtergrond. Hier is hij zeer nadrukkelijk aanwezig. Hij laat moe zijn hoofd steunen op zijn arm die leunt op een rots en op zijn benen rust het hoofd van de pasgeboren baby Jezus. Johannes is nog een klein kind maar heeft over zijn blote huid al de latere attributen van een kluizenaar zoals een pels en een herdersstaf. Deze staf heeft de vorm van een kruis. Allemaal symbolen die gaan over de toekomst. Maria knielt er een beetje afstandelijk, al biddende bij. Het is geschilderd door de Florentijnse schilder Francesco Granacci rond 1500.

snijdersIn een ander zaaltje zag ik dit schilderij. Een wolf op een rots, geschilderd door Frans Snijders. Frans Snijders is een Antwerpse schilder uit de omgeving van Rubens.  Een dode, opgezette wolf zal wel als model hebben gediend voor dit schilderij. Snijders geeft bijna alle haartjes tot in detail weer. Hij was een buitengewoon kundig iemand die ook werken leverde in de Noordelijke Nederlanden voor Frederik Hendrik.

tischbeinEn dan tot slot zag ik een werk van Friedrich Tischbein: een bijbel lezende herder. Ik kan me dat niet zo goed voorstellen, herders die ergens in een koud hutje ’s avonds de bijbel gaan zitten lezen, maar het is een prachtig portret. Tischbein, in Maastricht geboren, maakte dit portret in 1775 op 25 jarige leeftijd. Hij was trouwens niet lang in Maastricht. Hij is daar min of meer toevallig geboren toen zijn vader daar werkte aan een opdracht om negen levensgrote portretten te maken van stadsgouverneurs. Later studeerde hij in Parijs en Rome maar vestigde zich uiteindelijk in Duitsland.

Het Bonnefanten museum blijft een heerlijke plek om af en toe naar toe te gaan. Voor de rust, je kunt er heerlijk lang ongestoord naar een kunstwerk kijken. Vooral ook kom ik er graag voor de vaste collectie van middeleeuwse kunst die ik gisteren dus heb overgeslagen. En met een beetje geluk is er net een mooie tentoonstelling.

Geplaatst in kunst, recensie | Tags: , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

De rust van Drenthe

Het Monteverdi Kamerkoor Utrecht heeft een CD gemaakt met als titel pelgrimage. Allerlei vormen van ook hedendaagse pelgrimage komen er in voor. Een pelgrimage naar Scandinavië om het Noorderlicht te zien bijvoorbeeld. De Noorse componist Ola Gjeilo schreef een muziekstuk dat dit licht moet uitbeelden. Maar is ook de dood niet een pelgrimage? Eric Whitacre componeerde “Sleep” om met berusting de pelgrimage naar een ander leven in te kunnen gaan. Ik luisterde naar deze CD terwijl ik op de bank lag en voelde een volkomen rust over me heen komen. En dat past bij de sfeer van onze kerstvakantie in Drenthe. Ik heb een diavoorstelling gemaakt van deze vakantie en die gecombineerd met drie gezangen van de CD “pelgrimage”.

Geplaatst in maatschappij, natuur | Tags: , , , , , , | 2 reacties

Johannes Ciconia en Johannes de Lymburgia

De periode tussen 1350 en 1450 noemt men soms de zwarte eeuw. Het was de tijd van de zwarte dood (de pest), de Frans-Engelse oorlog en de conflicten rond het pausdom. Van 1309-1376 was het pauselijk hof verplaatst van Rome naar Avignon. In 1378 kwam er weer een Romeinse paus: Urbanus VI. Maar een aantal kardinalen beviel dit niet, ze vertrokken weer naar Avignon en kozen daar een nieuwe paus: Clemens VII. Beide pausen bestreden elkaar. De paus in Avignon werd gesteund door Frankrijk, Bourgondië, Napels en Schotland. De rest van Europa sloot zich aan bij de Romeinse paus. Het schisma duurde voort tot 1417.  Trok je door Europa dan kon je behoorlijk in de problemen komen als je door een vijandig bisdom moest reizen. De hoofdpersonen van dit artikel kwamen uit Luik, en de bisschop van Luik erkende de paus van Avignon.

Na deze periode werd het beter. Musicologen hebben het in die tijd over de Nederlandse of liever gezegd de Vlaamse school. Bedoeld worden de ongeveer vijf generaties van componisten die, afkomstig uit het gebied van Noord-Frankrijk tot ’s Hertogenbosch, zich vestigden in het buitenland, vooral Italië, en daar een belangrijke stempel op het muziekleven gingen drukken. Ze waren zeer gewild aan de diverse hoven van graven en hertogen maar ze stonden ook in dienst van bisschoppen of de paus.

Van de muziek uit de tijd voor de Vlaamse scholen is veel minder bekend. Nog voor de tijd van Dufay, vertegenwoordiger van de eerste Vlaamse school,  trokken er ook al mensen uit de Nederlanden en Noord-Frankrijk naar Italië. En wel in deze “zwarte eeuw”. Een der eersten was Johannes Ciconia, en een tijd later was dat Johannes de Lymburgia. Beide componisten hadden hun opleiding gehad in Luik. Deze stad was van oudsher beroemd om zijn kunstenaars, met name om zijn metaalbewerkers en goudsmeden.

LuikOp deze tekening zien we het bisschoppelijke paleis en de Lambertuskerk, voor dat die in de Franse tijd werden verwoest.

Naar Luik reisden ook veel mensen van adel, zoals later de hertog van Mantua. Zij gingen er heen vanwege de warmwaterbronnen, zoals Karel de Grote eeuwen eerder om die zelfde reden naar Aken ging. Bovendien was de stad beroemd om de kwaliteit van de pelzen, meest pelzen van eekhoorns. Ook Petrarca wist de stad te vinden, hij bezocht in Luik meerdere kloosters en vond daar een aantal verloren gewaande afschriften van werk van Cicero. Hij, als een van de eerste renaissance kunstenaars, wilde het werk van deze Romeinse dichter en redenaar zo volledig mogelijk leren kennen. In dit grote prins-bisdom, (voor een groot deel komt dat overeen met de huidige Belgische provincie Luik) dat tot de Franse tijd bestuurd werd door een bisschop, waren maar liefst 38 kapittelkerken waarvan acht in de stad zelf. Deze waren, behalve het bisschoppelijk kapittel, direct afhankelijk van de paus. Naast de Lambertuskathedraal was de kapittelkerk van Johannes de Evangelist de belangrijkste van de stad. Deze had een goede koorschool, en aan die koorschool kregen Johannes Ciconia en later ook Johannes de Lymburgia hun opleiding.

Van het leven van Ciconia weten we iets meer af dan van het leven van De Lymburgia. Ciconia, geboren tussen 1330 en 1335, was in 1350 met zijn broer in opdracht van zijn vader met een groep mensen en een lading pelzen meegetrokken naar het pauselijke hof van Avignon. Het was net de tijd van de eerste uitbraak van de pest. En de groep moest voortdurend op zijn hoede zijn. Het was op veel plaatsen niet pluis door rondtrekkende en plunderende soldaten die op drift waren geraakt. De reis verliep voor zover we weten goed. Ciconia kreeg in Avignon zelfs een aanstelling bij kardinaal d’Albornoz en trok, samen met nog vier mensen uit Luik, met hem mee naar steden in Italië. De kardinaal was pogingen aan het doen om de pauselijke zetel weer naar Rome te verplaatsen. Dat is hem niet gelukt. Samen met de kardinaal reisde hij uiteindelijk via Florence, Orvieto, Viterbo en Bologna naar Padua. Toen de kardinaal in 1367 overleed ging Ciconia naar het hof van Milaan waar hij een tijdlang een betrekking kreeg. Maar in 1372 was hij weer in Luik waar hij kanunnik werd. Als kanunnik ben je binnen, je krijgt vaste inkomsten waar je weinig voor hoeft terug te doen. Hij kon zich nu helemaal aan de muziek wijden. Hij schreef in die tijd vooral kerkmuziek maar ook een theoretisch werk: Nova Musica. Na een relatief gelukkige tijd waarin hij trouwde en kinderen kreeg, sloeg het noodlot toe. Een zware pestuitbraak teisterde in 1400 de stad.  Uit Padua kwam het bericht dat hij daar welkom was en hij kreeg een mooie post aangeboden. Ciconia schreef een afscheidslied voor zijn vrouw en kinderen en vertrok weer naar Italië. Hij werd domheer en leider van de kathedrale koorkapel. Hij schreef ook daar verschillende werken. In de maand december 1400, niet zolang na zijn aankomst vanuit Luik, schreef hij het motet “Venecie Mundi Splendor”, “Venetië, parel van de wereld”. Een motet met twee teksten door elkaar. In een van de teksten verwerkte hij op het einde zijn eigen naam:

Protecanit voce pia
Tui statum in hac via
Et conservet et Maria
Johannes Ciconia, amen.
Beschermt zijn trouwe stem
Staande in dit leven
En Maria, behoedt hem,
Johannes Ciconia, amen

Het stuk wordt uitgevoerd door het Huelgas ensemble o.l.v. Paul van Nevel. De voortekens die je hoort verschillen op veel plaatsen van wat je in de partituur ziet. Het probleem is dat er weinig zekerheid bestaat over die voortekens. Veel dingen waren zo vanzelfsprekend dat men ze niet noteerde. Er zijn daardoor meerdere interpretaties mogelijk. Ik zelf vind de interpretatie van het Huelgas ensemble heel logisch, beter dan de genoteerde versie.

Een stuk van Ciconia, dat hij schreef in Milaan besprak ik al in het kader van een ander artikel. Je vindt het hier.

Ciconia overleed in Padua 11 jaar later, tussen 15 en 25 december 1411.

Van Johannes de Lymburgia had ik tot voor kort nog nooit gehoord. Hij is geboren in het hertogdom Limburg, dat sinds 1273 bij het hertogdom Brabant was gevoegd. Waarschijnlijk in het stadje Limbourg, aan de rand van de Ardennen.

Ook hij kreeg een kooropleiding in Luik, in dezelfde koorschool van het kapittel van Johannes de Evangelist. Daar werd hij in 1408, dus vier jaar voor de dood van Johannes Ciconia, aangesteld als cantor. Hij volgde daar Wilhelmus Chiwogne op. Chiwogne, in het Italiaans Ciconia (ooievaar), was een familielid van Johannes Ciconia die toen in Padua vertoefde. We kunnen uit al die gegevens concluderen dat Johannes de Lymburgia waarschijnlijk ergens tussen 1380 en 1390 is geboren in het stadje Limburg. In 1424 werd hij zanger-componist in Padua en in 1431 kreeg hij een aanstelling in Vicenza. In 1436 was hij weer terug in de buurt van Luik en heeft dan een baan aan de Notre Dame van Huy. Daarna wordt zijn naam nergens meer genoemd.

De muziek die we van hem kennen komt uit slechts een enkel manuscript, het Q15 manuscript dat zich nu bevindt in het muziekmuseum van Bologna. Dit manuscript was plaatselijk zwaar beschadigd en een deel van de muziek moest na restauratie opnieuw worden geïnterpreteerd. Behalve dat een enkel stuk, zoals “Gaude felix Padua”, onleesbaar leek, bleken er ook op veel plaatsen fouten in te zitten. Het waren transcripties gemaakt door een nog onbekend iemand. De stijl van De Lymburgia wijkt  behoorlijk af van die van zijn tijdgenoten, er zitten bij een enkel stuk bijvoorbeeld verrassende dissonanten in. De musicologen dachten eerst dat dit wel vergissingen moesten zijn maar na een tijd kwamen ze er achter dat het heel consequent gedaan was.  Verder valt op hoe hij in enkele stukken bewust bepaalde woorden of lettergrepen benadrukt door lange noten of plotseling veranderende zettingen, wat in die tijd nog nauwelijks voor kwam. In deze codex staan 46 stukken die tussen 1430 en 1435 in Vicenza  toegevoegd zijn onder de componistennaam Johannes de Lymburgia. Hier een voorbeeld van een stuk met een wel goed leesbaar handschrift. In die tijd maakten ze geen partituren, maar elke partij werd apart opgeschreven.

Lymburgia muziekIn dezelfde codex staan ook nog enkele stukken die niet aan iemand zijn toegeschreven maar stilistisch heel goed ook van De Lymburgia zouden kunnen zijn. Zo komen we op ruim vijftig composities, waaronder 13 motetten, die we nu van hem hebben. Dat is erg veel en geeft musicologen behoorlijk wat mogelijkheden om zijn muziek een plaats te geven. Het ensemble “le Miroir de Musique” heeft onlangs 15 composities van De Lymburgia op CD gezet.

Een van de stukken in het manuscript Q15 is een hymne voor de heilige Petrus van Verona.

Wie was deze Petrus? De feestdag van deze heilige is 4 juni. Hij werd in 1205 geboren in Verona uit ouders die kathaar waren. Deze nieuwe en extreme vorm van het Christendom had zich op veel plaatsen in Europa weten te nestelen, met name in Zuid-Frankrijk, Noord-Italië en in de omgeving van Keulen. Een van de grootste problemen voor de autoriteiten was dat Katharen geen wereldlijk gezag erkenden en weigerden om een eed af te leggen. Ze waren heel sociaal en zeer vrouwvriendelijk: mannen en vrouwen waren in hun ogen gelijk. Men kreeg geen vat op hen en toen besloot men maar om hen gedwongen te bekeren of ze zelfs helemaal uit te roeien. De Dominicanen hebben hier een belangrijke en dubieuze rol in gespeeld. Op zijn vijftiende jaar brak Petrus met zijn kathaarse ouders en ging hij over naar de officiële kerk. Spoedig daarna trad hij zelfs in bij de Dominicanen. De orde van de Dominicanen, predikheren, ontstond begin 13e eeuw, in dezelfde tijd dat ook die andere bedelorde, die van de Franciscanen ontstond. In Noord-Italië trok Petrus van dorp naar dorp om het ‘ware geloof’ te verkondigen. Het volk vereerde hem, maar de katharen zagen in hem een verlengstuk van het machtsinstituut van de rooms-katholieke kerk. Petrus werd pauselijk gezant in Milaan en in 1251 pauselijk inquisiteur voor Como en Milaan. Op 6 april 1252 werd hij, onderweg van Como naar Milaan, bij het dorp Farga vermoord, door een dolkstoot en een bijlslag. Het verhaal gaat dat hij, stervende, met zijn eigen bloed ‘credo’ op de grond schreef. De moord was een provocatie en ‘Rome’ reageerde met een bijna ogenblikkelijke heiligverklaring, in 1253. Dit gebeurde door paus Innocentius IV, die uitdrukkelijk het martelen van ketters goedkeurde! Zo werd Petrus de tweede heilige van zijn orde, na Sint Dominicus. Hij is bijgezet in de San Eustorgio te Milaan.

Voor deze dus enigszins dubieuze heilige schreef de Lymburgia een hymne. Volgens het principe: een couplet eenstemmig, het volgende meerstemmig en dit steeds zo om en om. Van de meerstemmige uitwerking zijn er twee versies overgeleverd, een driestemmige en een vierstemmige. De zangers maken in deze uitvoering bij het laatste couplet gebruik van de vierstemmige versie, de versie die is geschreven volgens het faux-bourdon principe. We horen parallelle ritmiek met vooral sextakkoorden. (Bijvoorbeeld van beneden naar boven: E-G-C, F-A-D enzovoort.) Dit principe komt uit Engeland en was net overgewaaid naar het vaste land. Ik vind de driestemmige versie eigenlijk mooier, maar de vierstemmige versie heeft wel een goed effect als slot. Uit de tekst kunnen we afleiden dat het voor een feestdag in de paastijd is geschreven. Een prachtig, eenvoudig en buitengewoon helder lied.

Magne dies leticie
Nobis illuxit celitus
Petrus ad thronum glorie
Martir pervenit inclitus
Een grote vreugde
Verlicht ons vandaag vanuit de hemel
Petrus, de heerlijke martelaar
Heeft de eretroon verkregen
Puer in fide claruit
Parentum carens nebula
Deo servire studuit
Sub paupertatis regula
Als kind glansde hij door zijn geloof
Vrij van de dwalingen van zijn ouders
Hij deed zijn best om God te dienen
Met de regel van armoede
Carnem aflixit iugiter
In labore multiplici
Via, sequens humiliter
Patris sui Dominici
Hij kasteide zijn lichaam voortdurend
Met talloze zweepslagen
Om deemoedig de weg
Van zijn vader en heer te volgen
Vita mors insigna varia
Celum frequenti lumine
Dat Petro testimonia
De sanctitatis culmine
Zijn leven, zijn dood, talloze tekenen
En de hemel met zijn voortdurende heiligheid
Leggen de getuigenis af van Petrus’
Hoogste heiligheid
Quesumus auctor omnium
In hoc pascali gaudio
Per ipsius suffragium
Crescat mostra devocio
Wij vragen u, schepper van alle dingen
In deze tijd van de Paasvreugde
Dat door zijn toestemming
Onze vroomheid gaat groeien
Gloria tibi Domine
Qui surrexisti a mortuis
Et fortes in certamine
Sertis ornas perpetuis
Eer zij u, Heer
Die van de doden is opgestaan
En die jou, dapper in de strijd
Met een eeuwige kroon siert

Het stuk wordt uitgevoerd door “Le miroir de musique” en is verschenen op het album “Gaude felix padua” (www.miroirdemusique.com)

Johannes Ciconia en Johannes de Lymburgia. Twee Luikse componisten. Die elkaar waarschijnlijk zelfs gekend hebben, maar toch van een andere generatie waren. Zij leefden in een moeilijke tijd van pest-epidemieën en problemen in de kerk. Aan bovenstaand muziekstuk van Johannes de Lymburgia kunnen we horen hoe meer modernere compositiepraktijken vanuit Engeland (denk ook aan de honderdjarige oorlog!) inmiddels overgewaaid waren en nu ook in Italië vaste voet kregen. Ciconia schreef een boek over nieuwe muziek. Allebei waren ze wegbereiders voor de Vlaamse scholen die hierna zouden komen. Een schilderij als dat van Jan van Eyck, met op de achtergrond de Maas en de stad Luik, is het equivalent van die nieuwe kunst in de schilderkunst.

jan van eyck luik

Tegelijk komt het centrum van de kunstwereld steeds meer in Vlaanderen en Italië te liggen. Luik en het Maasland zijn nu op hun retour. In 1430 toen Johannes de Lymburgia nog leefde, vertrok de laatste tegenpaus uit Avignon. De honderdjarige oorlog kwam ten einde in 1454. En daarmee was ook de zwarte eeuw definitief voorbij.

 

Geplaatst in Geschiedenis, kunst, muziek | Tags: , , , , , , , , | Een reactie plaatsen

Mag ik het zelf doen?

-‘Vond je het nu eng?’ vroeg de moeder van mijn oudste kleinzoon aan hem.
-‘Nee, nu niet. omdat ik het zelf kan doen.’

-‘Kom je? In bad en haren wassen?’
-‘Ja hoor. Ik mag het toch zelf doen?’
-‘Ja zeker!’

Als hij vat krijgt op dingen waar hij bang voor is gaat het allemaal een stuk beter. En dat bleek weer afgelopen kerstvakantie. Mijn dochter was met het gezin naar Normandië. Een feest voor iedereen, maar het is heel wat voor haar oudste autistische kind. Alle houvast, vaste rituelen, dingen die je kent zijn in een klap weg. Maar ze hadden foto’s van het vakantiehuis en al lang van te voren werd er regelmatig gekeken naar de plaats waar ze naar toe zouden gaan en naar de omgeving. Dat maakt het al beter hanteerbaar. Desondanks bleven er nog twee levensgrote hindernissen te gaan. Om te beginnen de tolweg. Vorig jaar waren er tot twee keer problemen geweest omdat het poortje niet open ging. Toen moest er op een alarmknop gedrukt worden en kregen ze een boze Franssprekende mevrouw aan de lijn. En dat was tegelijk het tweede probleem: ‘er mogen geen andere talen gesproken worden, zeker niet in het bijzijn van papa en mama.’ Het eerste probleem zijn ze de baas geworden: hij mocht zelf het kaartje in de tolgleufjes stoppen. Zelfs toen er alleen met papiergeld betaald bleek te kunnen worden raakte hij niet in paniek, het loste zich allemaal vanzelf op zonder boze Franssprekende meneren of mevrouwen.

Op woensdag als de drie kleinkinderen bij opa en oma komen gaan ze meestal tegen het einde van de middag in bad. Dat is leuk: behalve dat vermaledijde haren wassen! De oudste is als de dood dat er water in zijn ogen komt of dat hij geen adem meer kan krijgen. Maar hij mag nu zelf de doucheslang hanteren. En het voorste stuk van zijn haren doet hij niet met de doucheslang maar met een kletsnat washandje. Als hij maar zelf de regie in handen heeft.

Het was gisteren in alle opzichten weer dolle pret. Er werd door iedereen heerlijk gespeeld en het was supergezellig. De oudste ging op een gegeven moment op de bovenverdieping op het keyboard spelen. Na een tijdje merkte ik dat hij “Eine Kleine Nachtmusik” aan het uitzoeken was. Dat heeft hij gehoord als achtergrondmuziek bij een Chinees (!) filmpje over de vlaggen van de wereld. En hij heeft het blijkbaar onthouden. Ik stond weer versteld hoe hij onmiddellijk en precies wist waar de baswisselingen moesten komen. C, D, G en weer C. De melodie zelf maakt veel sprongen dus dat is nog even lastig. Maar hij bleef het proberen. Wel iets van zes keer achter elkaar, alleen de eerste twee zinnetjes. Met het derde zinnetje werd al voorzichtig begonnen.

Nog iets later sloeg hij, als een soort mantel, een grote deken om zich heen  en kroop  in de huid van Willem-Alexander. “Het was 2 februari 2002. De grote dag van het huwelijk.” Op de achtergrond werd er druk gestoeid en gespeeld door zijn jongere broertje en zusje, maar het huwelijk werd in alle plechtigheid in aanwezigheid van veel genodigden voltrokken.

Opvallend is dat hij, helaas slecht verstaanbaar, ook een stukje van de Engelse tekst zegt die uitgesproken wordt tegen de buitenlandse genodigden. Hij zelf mag wel vreemde talen spreken…

Deze week werden er bij opa en oma geen tekeningen gemaakt. Hij had het te druk met andere dingen, vooral met piano spelen. Ik heb hem de vingerzetting van de toonladder van C geleerd. Maar in de vakantie heeft hij wel veel getekend.

Deze zijn nog van voor de vakantie. De eerste tekening spreekt voor zich. Bij de tweede schrijft hij als tekst hoe verwonderlijk iedereen het vindt dat Maxima tranen laat zien bij het horen van de bandoneon in de Nieuwe kerk. (‘hoe is het mogelijk van het gezicht van Maxima.‘) De derde is van de raad van State, waar Willem-Alexander ook lid van is. Bij de vierde tekening heeft hij een tafereel aan de keukentafel bij zijn ouders getekend bij het bezoek van de ouders van zijn vader. Op de voorgrond zit oma met oorbellen.

koetstraanraad van statekerstverhaal

En hier twee tekeningen die hij in Normandië maakte: een waarop een orkest is afgebeeld en natuurlijk heeft hij de Mont-Saint-Michel getekend, toen hij die vanuit de kust had zien liggen.

orkestmony-saint-michel

En deze is nu pas gemaakt: een eigen liedje

liedje

Tekenen doet hij zelf. Zich liedjes aanleren doet hij zelf. Hij spreekt als hij dat zelf wil andere talen. Hij is de baas over zichzelf. Als een echte koning. En zo is hij blij en leert intussen heel erg veel!

 

Geplaatst in autisme | Tags: , , | 3 reacties

Het Beethoven jaar

Als kind hoorde ik op de radio al veel klassieke muziek. En ik werd al snel een fan van Beethoven. Ik herinner me nog hoe ik bij het horen van sommige fragmenten van zijn stukken afhaakte. Achteraf bleek het om de doorwerking (het middendeel van een stuk geschreven in de sonatevorm) van een stuk te gaan, de muziek werd opeens ingewikkelder. Bij de directe voorlopers van Beethoven: Haydn en Mozart, stelde de doorwerking nog niet veel voor en was meestal heel kort. Maar bij Beethoven haakte mijn moeder, die ook veel luisterde, af. Die neiging had ik aanvankelijk ook, maar op een gegeven moment gebeurde het dat ik juist die delen het meest interessant ging vinden. En ik werd hongerig naar meer stukken van Beethoven.

BeethovenDie liefde voor Beethoven is altijd gebleven, maar nu waardeer ik ook veel andere muziek, van heel oud tot heel modern. Zowel bij die oudere muziek, zelfs Bach, als bij die nieuwere muziek moest ik wennen en ik moest me het idioom stapje voor stapje eigen maken. En nog steeds ontdek ik in bepaalde muziek nieuwe dingen. Maar Beethoven bleef. Hij is voor mij overigens niet de grootste componist, dat is Bach. Maar hij is wel de componist die me bij bepaalde stukken altijd weer bij de strot weet te grijpen en waar ik dus nog steeds verzot op ben. Ik voel me op de een of andere manier heel verwant met Beethoven. Die man die weigerde een pruik te dragen en die altijd maar zijn eigen gang ging, die als een soort zonderling door het leven toog.. Zo ben ik dan ook weer niet, maar… Hij schreef slechte stukken, niet veel, maar ze zijn er wel degelijk. Hij worstelde met de materie wat je in zijn bewaard gebleven handschriften terug kunt zien. Hij bleef veranderen, aanpassen, schaven, zoeken. Zijn pianomuziek is pianistisch maar tegelijk dacht hij orkestraal. Alle registers worden gebruikt en het wemelt van de mooie en soms subtiele lyrische passages die heel goed gespeeld zouden kunnen worden door bijvoorbeeld een fluit, hobo, fagot, altviool. Hij had een ongebreidelde fantasie en wist voortdurend onverwachte wendingen te maken of verrassende thema’s te introduceren. Tegelijk had hij een feilloos gevoel voor samenhang. Het is niet alleen het beroemde “tetetete” motief van de vijfde symfonie dat iedereen kent wat door een heel deel van de symfonie als kiemcel aanwezig is. Luister ook maar eens naar het eerste deel van de Hammerklaviersonate. Het beginmotief is leidend van begin tot eind. En dit zonder dat het stuk vervelend wordt. Het werk is van de eerste tot de laatste noot een machtig, samenhangend geheel en het is tegelijk voortdurend verrassend. Maar Beethoven is bovenal een architect. En de bouwwerken in vorm en textuur worden naar het einde van zijn leven toe steeds indrukwekkender. Bij die muziekstukken kun je niet fluitend gaan staan stofzuigen. Nee, je moet er voor gaan zitten en er naar luisteren. En die bouwwerken zijn voor de ongeoefende luisteraar al snel te complex. Heb je er na lange tijd vat op gekregen dan wil je het gebouw koesteren en nog beter leren kennen.

Vandaag stond er in het kader van het Beethoven jaar een stukje in de Volkskrant. Het was een geheugen opfrisser. Wie was Beethoven ook al weer en wat voor muziek schreef hij eigenlijk? Ik kon me redelijk goed vinden in de populair wetenschappelijke tekst over deze componist. Zo nadenkende over mijn eigen ervaringen en ook mijn ervaringen met studenten op het Conservatorium realiseerde ik me dat het begrijpen van de muziek van Beethoven voor veel mensen nog steeds niet vanzelfsprekend is. Hoe maak je je dat idioom eigen? Volgens mij is het beste recept hetzelfde recept als waarmee ik me zijn muziek heb eigen gemaakt: veel er naar luisteren, open staan ook voor de iets moeilijkere muziek die hij schreef, en zo heel geleidelijk steeds meer stukken gaan waarderen.

Ik heb besloten om twee lijstjes te maken. In het eerste lijstje staan “makkelijke stukken” van Beethoven. Er is niet sprake van een ingewikkelde textuur, er zijn geen moeilijke doorwerkingen. Het tweede lijstje is het lijstje waarop de stukken staan die mij nog steeds het meeste aangrijpen. Dat is in het algemeen juist de muziek die in het wat minder toegankelijke idioom geschreven is. “Beethoven leicht” en “Beethoven schwer” zou je kunnen zeggen. De tien “lichte” stukken worden steeds een beetje “zwaarder”.

Beethoven Leicht

  1. Für Elise voor piano
  2. Eerste deel uit de Mondscheinsonate opus 2 voor piano
  3. Tweede deel uit de Sonate Pathétique opus 13 voor piano
  4. Tweede deel uit symfonie nr. 7
  5. Ouvertüre Egmont voor orkest (probeer het verhaaltje te volgen tot en met de onthoofding van Egmont)
  6. Derde deel uit strijkkwartet opus 59.3. (Het aansluitende vierde deel kun je ook nog meenemen, dat is ook vrij makkelijk om naar te luisteren.)
  7. Kyrie uit mis in C (de mis begint met het Kyrie)
  8. Romance in F voor viool en orkest nr. 2
  9. Laatste deel uit de Frühlingssonate opus 24 voor viool en piano
  10. Andante con moto uit pianoconcert nr. 4 (mooie dialoog tussen piano en orkest), eventueel met het slotdeel erbij. Dat laatste deel is wel al een stuk moeilijker om naar te luisteren maar wel spannend!

Beethoven Schwer (Luister naar de complete werken en sluit je voor de buitenwereld af zou ik zeggen. Wat een rijkdom…)

  1. Pianosonate opus 53, Waldstein
  2. Pianotrio opus 70.1 ,Geistertrio
  3. Strijkkwartet opus 74
  4. Pianosonate opus 110
  5. Strijkkwartet opus 135
  6. Cellosonate opus 102.2
  7. Symfonie nr. 9
  8. Missa Solemnis
  9. Hammerklaviersonate voor piano opus 106
  10. Grosse Fuge opus 133

De onderste lijst is makkelijk uit te breiden, ik merkte bij het maken ervan dat de keuze erg moeilijk was.  Niet er bij staan bijvoorbeeld de pianosonates opus 101 en opus 111. Ook niet de prachtige diabelli variaties. Of alle pianoconcerten, of de rest van de symphonieën.

Hierboven staat een stuk van Beethoven dat de kenners misschien herkennen. Laat het me weten! Als je dit stuk als luisteraar weet te waarderen (je vindt het niet te moeilijk) dan kun je het lijstje “Beethoven Schwer” denk ik aan. Wel afluisteren tot het einde, het wordt steeds “ingewikkelder.”

 

 

Geplaatst in muziek | Tags: , | Een reactie plaatsen