Louis Marchand

In 1713 is de Spaanse successieoorlog ten einde, er was wel nog meer dan een jaar nodig om alle geschilpunten op te lossen. De aanleiding voor deze oorlog was: wie volgt de kinderloze Spaanse koning Karel II op. Heel veel landen bemoeiden zich ermee. Al voor de dood van Karel was er afgesproken dat Spanje verdeeld zou worden tussen Oostenrijk en Frankrijk. Maar Karel bepaalde in zijn testament dat Spanje in zijn geheel naar de kleinzoon van Lodewijk XIV moest gaan. Daardoor dreigde er een grote verandering in het machtsevenwicht te komen. Oostenrijk, Pruisen, Engeland en Nederland sloten een verbond, betwistten de uitleg van het testament en besloten de oorlog aan te gaan met Frankrijk.  Op veel plaatsen in Europa, ook in de omgeving van mijn geboorteplaats Swalmen werd er jarenlang gevochten en had de bevolking veel te lijden van de voortdurende inkwartieringen van vreemde troepen. Uiteindelijk in 1715 bij de vrede van Utrecht werd geregeld hoe Europa er uit moest gaan zien.

Ik begon dit artikel met het jaar 1713. Dat was ook het jaar dat er een organist werd ontslagen door Lodewijk XIV, namelijk de organist van de koninklijke kapel in Versailles. Deze organist moest tijdens de diensten waar meestal ook de koning aanwezig was zijn muzikale kunstjes vertonen. Hij heette Louis Marchand. De koning was tot dan toe zeer ingenomen met zijn spel. Lodewijk XIV had bij de successieoorlog niet zijn zin gekregen, Spanje bleef uit de greep van Frankrijk, alhoewel er wel wat grenscorrecties kwamen ten gunste van Frankrijk. Hoe zou het toen gesteld zijn geweest met de gemoedstoestand van deze koning? Vlak voor zijn dood schijnt hij gezegd te hebben spijt te hebben van de vele oorlogen die hij gevoerd heeft. Maar in 1713 zal hij waarschijnlijk vooral nog hebben zitten balen. Marchand was in 1708, in oorlogstijd, aangenomen als organist in de hofkapel. Al eerder was gebleken dat hij een erg opvliegend en eigenzinnig karakter had. In 1713 werd hij door de zonnekoning dus de laan uitgestuurd. Hoe kwam het zover? Daarvoor ga ik naar het begin van de carrière van Louis Marchand.

Hij werd geboren op 2 februari 1669 in Lyon en kwam uit een familie van organisten. Zeer jong, al op 15-jarige leeftijd, werd hij aangesteld als organist van de kathedraal van Nevers. Op 22-jarige leeftijd trouwde hij met Marie-Angélique Denis die uit een  beroemde familie van klavecimbel-makers kwam. Het echtpaar kreeg drie kinderen. Drie jaar later verliet het gezin de stad Nevers en verhuisde naar Auxerre. Daar werd Louis 4 jaar lang organist. In 1689 vestigde hij zich in Parijs. Hij was zeer ambitieus maar had tegelijk een onmogelijk, brutaal karakter. Hij had voortdurend ruzie, met zijn vrouw, maar ook met al de mensen met wie hij moest samenwerken. Toch werd hij door zijn talent bijna overal waar hij solliciteerde aangenomen. Zo werd hij onder meer organist in de kerk van Saint Benoît. In 1708 volgde hij zelfs Guillaume-Gabriel Nivers op als organist van de Koninklijke Kapel in Versailles. Het gerucht gaat dat zijn ex-vrouw, van wie hij inmiddels dus was gescheiden, de helft van zijn verdiensten opeiste, zodat hij op een dag in 1713 in Versailles, midden in een dienst in aanwezigheid van de koning de orgelgalerij verliet met de mededeling:  ‘als ik slechts de helft van mijn salaris krijg, dan werk ik ook maar voor de helft’. Dit werd hem niet in dank afgenomen, hem werd geadviseerd om maar zo snel mogelijk zijn biezen te pakken om niet de toorn van de zonnekoning over zich heen te krijgen. Dus ondernam hij  gedwongen een reis naar Duitsland, waar zijn virtuositeit hem onmiddellijk veel succes opleverde bij de adel, maar ook hier weer: jaloezie bij zijn medemuzikanten. In Dresden eindigde zijn avontuur buiten Frankrijk. Er was een wedstrijd georganiseerd tussen hem en J.S. Bach: wie kan er het beste orgel spelen. Marchand zou de confrontatie met Bach hebben willen vermijden na de verhalen die hij had gehoord over diens indrukwekkende talent als virtuoos en improvisator en verliet met de staart tussen de benen in de vroege ochtend dat de wedstrijd had moeten plaats vinden de stad. Hij keerde weer terug naar Frankrijk. Lodewijk XIV was al enkele jaren dood, hem hoefde hij niet meer te vrezen. De rest van zijn leven had hij nog een bescheiden loopbaan als organist en leraar. Hij overleed op 17 februari 1732 in Parijs.

Van Louis Marchand zijn een aantal klavecimbelstukken uitgegeven, een  suite van 9 stukken in D mineur in 1699, en 12 stukken in C majeur in 1715. Andere stukken, waaronder een “Te Deum”, zijn nooit uitgegeven maar ze zijn wel nog als manuscript bewaard in de gemeentelijke bibliotheek van Versailles. Maar gelukkig zijn er wel flink wat orgelstukken bewaard gebleven. Alexandre Guilmant verdeelt deze stukken in zijn editie voor de Archives des maîtres de l’orgue in 1901 in vijf delen. Het eerste boek bevat 12 suites, die al  een jaar voor de dood van Marchand in 1732 waren uitgegeven door diens dochter. Al deze stukken zijn kwalitatief vrij hoogstaand, volgens velen zijn ze misschien wel beter dan die van tijdgenoten als François Couperin of Nicolas de Grigny.

Ik heb naar een aantal CD-opnamen van zijn composities voor orgel geluisterd, gespeeld door Marie-Claire Alain. Voor mij springen twee stukken op deze CD er uit: “Grand Dialogue du 5e ton” (Boek III) en “Fond d’orgue” in E mineur (Boek II) . Een fond d’orgue is een registratiemodel, waarbij alle fluit-, principaal- en bourdonregisters van 4′, 8′ en 16′ worden gebruikt. We horen bij dit stuk een aantal opvallende akkoorden. Op zich lijkt het een vrij simpel stuk, maar het is erg chromatisch van opzet, je zit voortdurend te denken: waar gaat het heen? De ontknoping komt pas helemaal aan het einde. Bij zo’n stuk vraag ik me dan af: ‘wat zal de gemoedstoestand van de componist zijn geweest toen hij het schreef’. Het lijkt wel een soort beheerste onrust. Mensen met een moeilijk karakter maken vaak de mooiste muziek. Luister maar!

Marie-Claire Alain op het Orgel “Lefebre/Haerpfer-Erman” (1738/1972) van “l’église Notre-Dame de Caudebec-en-Caux” (Seine Maritime). Opname Erato, 1975

Over Pieter Simons

Docent muziektheorie. Interesses: geschiedenis algemeen, kunstgeschiedenis, lokale geschiedenis, muziek en muziektheorie, filosofie, astronomie, fotografie, natuur, wilde bloemen. En daarnaast allerlei maatschappelijke dingen als onderwijs en opvoeding
Dit bericht werd geplaatst in Geschiedenis, muziek en getagged met , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.