Op de maan

tekening-maan

Ik probeerde om de tekening die mijn oudste kleinzoon had gemaakt te snappen.
-‘Hé, ik zie een ruimtevaarder!’
-‘Ja, dat ben ik.’
-‘OK. Ik zie een ruimtepak en een helm, volgens mij ben je op de máán.’
-‘Ja dat klopt. Kijk maar, ik spring in de lucht. Op de maan kun je heel hoog springen.’
Ik zag dat de bewuste astronaut op de tekening met de voeten van de grond was.
-‘En wat is dat daar?’ Ik wees naar een soort doosje met streepjes rechts beneden op de tekening.
-‘Dat zijn spekkoekies.’
-‘Spekkoekies?’
-‘Ja. Spekkoekies. Die kun je vinden op de maan. Die zijn heel lekker.’
-‘Dat klinkt goed. En rechts boven, dat is de aarde?’
-‘Ja, die kun  je nu zien als een grote bol als je op de maan bent. Hij is dan veel groter als de zon.’
-‘OK, dat snap ik. En ik zie dat je Pluto ook kunt zien?
-‘Ja je kunt hem zien zonder telescoop. Want de maan heeft geen atmosfeer.’
-‘En links zie ik de raket. Maar wacht even, die gaat al vertrekken, toch?’ Ik wees naar het vuur dat uit de uitlaat kwam.
-‘Die is warm aan het draaien, ik ga bijna weg.’
-‘En wat is dat rode dat je in je handen houdt?’
-‘Dat zit op een apparaatje, dat heb ik bij me. Als de wijzer rood wordt dan is er iets mis.
-‘Iets mis? En hoe los je dat dan op?’
-‘Dat doen heel aardige aliens. Die helpen me dan. Kijk (en nu tekent hij ter plekke links boven een grijs vierkant.) Dit is de heenweg, en toen zat ik in de raket. (Hij tekent helemaal links boven een klein raketje). En ik ging toen naar de maan (de maan wordt in twee seconden nog een keer, ook in dat vierkant, geschetst). En toen werd de wijzer rood en ging de raket niet verder. (Hij wijst naar de rode wijzer.) Toen kwam er een heel aardige alien.’
Ik was benieuwd hoe hij aan het verhaal van die aliens kwam, en ook van die spekkoekies natuurlijk.
-‘Van wie heb je van die aliens gehoord? Heb je op school met iemand zo iets gespeeld?’
-‘Nee hoor.’
-‘Hoe weet je dat dan, dat van die aliens.’
-‘Dat weet ik van die ene alien’
-‘Van die ene alien? Maar hoe kan dat dan?’
-‘Kijk opa.’ Heel wijs keek hij me aan. ‘Het zit zo. Die ene alien die weet álles van álle aliens. Dus die kan me gewoon ook álles vertellen.’ Hoewel ik dit heel logisch vond klinken snapte ik het eerlijk gezegd nog steeds niet.

Zijn broertje en zusje waren ook bij ons op bezoek. Opeens wilde hij naar boven en vroeg of zijn broertje ook mee wilde. Dat wilde die wel, maar toen wilde zijn zusje uiteraard ook. Die is pas twee, dus ik ging mee de trap op. Toen ik met mijn kleindochter eindelijk boven was gearriveerd bleken we met zijn allen op de maan te zijn. De drie astronauten gingen spekkoekies eten. En ze gingen “stuiteren”, dat kun je daar goed, ze gingen heel hoog springen, op de grond maar vooral ook op het logeerbed. De kleinste pakte een gordijn en hield het al springende vast: “hop, hop, hop, hop.” Het gordijn was na vier sprongen nog heel en en het zat ook nog vast aan de rails . Mijn oudste kleinzoon werd steeds meer opgewonden en de mede-astronauten ook.  De middelste astronaut had twee knuffels in zijn armen die ook mee omhoog sprongen, het werd een steeds dollere boel daar op de maan. Een eindje verder op verkenning werd een krater in een krater ontdekt. Maar die was nu weg. De jongste astronaut beaamde de bevindingen. ‘Krater geweest.’ Een asteroïde bleek daar te zijn neergestort en die had de eerdere kraters weer laten verdwijnen. Ook keken alle astronauten bewonderend naar dat mooie hemellichaam dat ze aan de hemel zagen: de aarde. ‘Kijk’ zei ook de jongste astronaut.

Toen besloot de gezagvoerder dat ze weer naar de aarde terug zouden gaan. Professioneel werd er in het Engels van achteren naar voren geteld. Het geluid van het aftellen klonk als een echo in de cabine. Maar de jongste astronaut wilde nog niet terug. Dus probeerde ze het aftellen te verstoren. Tja, dat lukte haar niet:
-‘Zero!’ Daar ging de raket. Of, of, of toch niet…? O nee, o nee: de raket was kapot. Wat nu, wat nu! Paniek in de tent. De middelste astronaut zou dat wel even fixen. Hij weet alles van technische oplossingen. Hij werkt immers in zijn vrije tijd bij brandweerman Sam. Maar het was al niet meer nodig: de alienvriendjes waren er ook al gekomen. Uitgelaten van vreugde toen alles weer werkte daalde de raket dan eindelijk af. En iedereen had al snel weer vaste voet aan de grond. Pfff.

Ja, inderdaad. Dat was maar goed ook. Want niet alleen in de ruimte spookte het. Ook op aarde bleek het stevig te stormen…

Luister en huiver bij dit spannende avontuur….

Over Pieter Simons

Docent muziektheorie. Interesses: geschiedenis algemeen, kunstgeschiedenis, lokale geschiedenis, muziek en muziektheorie, filosofie, astronomie, fotografie, natuur, wilde bloemen. En daarnaast allerlei maatschappelijke dingen als onderwijs en opvoeding
Dit bericht werd geplaatst in Astronomie, autisme, pedagogiek en onderwijs en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

3 reacties op Op de maan

  1. Jeanneke zegt:

    👍👍👍❤️

    Liked by 1 persoon

  2. (Henny) Wat een verrukkelijk idee, om zo’n geluidsfragment als ‘illustratie’ te plaatsen. Leuk verhaal, Pieter.

    Liked by 1 persoon

Laat een reactie achter op meeuwstonnaer Reactie annuleren

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.