Op zoek naar het oneindige

-‘Ik ga een heel oude wetenschapper tekenen….. ‘Opa is dit een oude wetenschapper?’

oude wetenschapper-‘Dat zou best wel eens kunnen. Hij heeft zulk lang haar.’
-‘Deze is nog ouder dan Christiaan Huygens. Waarom hadden die mensen vroeger zulk lang haar?’
-‘Dat vonden ze toen mooi. In de tijd van Christiaan Huygens droegen de mensen heel vaak een pruik.’
-‘Wat is dat, een pruik?’

Ik legde hem uit wat een pruik was en hoe die gemaakt werd. We keken nog naar wat plaatjes en zagen ook de mooie boorden uit die tijd. Toen tekende hij een dier naast zijn eigen wetenschapper.
-‘Snap je opa? ‘
Ik keek hem niet begrijpend aan.
– ‘Een paard, want ze hadden toen nog geen auto’s. ‘
Vervolgens tekende hij links onder een aantal getalletjes.
-‘Wat staat daar opa?’
-‘Daar staat 1.’
-‘Huh, dat kan toch niet, daar staan heel veel nullen bij. Er staat denk ik triljoen.’
-‘De nullen staan er vóór, dan betekenen ze niets. Ze moeten áchter de een staan. Je leest altijd van links naar rechts.’
-‘Dat maakt toch niet uit?’
-‘Dat maakt wel uit. Als ze ervoor staan doen de nullen niet mee en staat er gewoon 1.’
Rechts tekende hij nu de goede volgorde.
-‘Daar staat duizend’ zei hij. Zo lang is dat al geleden toen deze wetenschapper leefde. Duizend jaar.’
-‘Klopt, daar staat duizend. Maar kijk, het streepje boven aan de 1 moet je net aan de andere kant maken.’
-‘O ja.’ Hij verbeterde het.

Even later komt hij naar me toe en vraagt, met in zijn hand een denkbeeldig iets:
-‘Opa zie je hier met deze microscoop dat quark-deeltje?’’
Ik kijk zogenaamd heel intens in die onzichtbare microscoop maar zeg dat ik het helaas niet kan zien.
-‘Kijk daar!’ Hij wijst enigszins ongeduldig naar een plek in de lucht. Ik kijk nog eens intensief.
-‘Ja hoor, ik zie iets. Maar dat is volgens mij een bacterie.’
-‘Nee, je moet beter kijken!’
-‘Ja, nu je het zegt, maar volgens mij is het een atoom.’
-‘Nee, nee, kijk nóg maar eens’.
Na enig turen denk ik inderdaad een quarkdeeltje te zien. Hij loopt, opgelucht dat ik het gezien heb, weer weg met zijn microscoop.
Een tijdje later gaat hij balletjes naast elkaar leggen, in een lange rij. De laatste keer dat hij dat deed is denk ik zeker een half jaar geleden. Dit deed hij vroeger heel vaak, ik denk al vanaf dat hij twee of drie jaar oud was. In het begin legde hij dan keurig op een rijtje in de goede volgorde de planeten van ons zonnestelsel. Later kwamen daar de dwergplaneten bij en ook legde hij heel kleine steentjes er tussen, dat waren onderdelen van de asteroïdengordel. Nog later ging hij ze anders groeperen, in volgorde van grootte. En nog later ging hij in plaats van planeten sterren neerleggen in volgorde van grootte, tot de allergrootste: UY Scuti.

exoplaneten-‘Kijk eens opa wat hier ligt. Dit is Proxima Centauri, en dat is Alpha Centauri en dat is Trappist 69, Trappist 142, Trappist 174 en Trappist 194.’
Hij wees van rechts naar links eerst twee sterren en daarna een aantal exoplaneten aan.
-‘En deze hier, dat zijn planeten die nog niet ontdekt zijn. Die hebben nog geen naam.’
Hij wees naar het rijtje links van de balletjes die hij al benoemd had.

Voor het naar huis gaan mogen de kleinkinderen altijd een youtube-filmpje kijken bij opa of oma op schoot, op de tablet. De laatste tijd wil hij altijd een film met treinen zien. Maar vanavond wilde hij weer een film over het heelal zien, een film met objecten van klein naar groot. De bijbehorende muziek wordt steeds intenser en complexer, hoe dichter je komt bij de uiterste afstanden van het universum. Het filmpje was afgelopen.
-‘Kom we moeten nog logopedie-oefeningetjes doen.’
-‘Maar dan kan ik niet zingen!’
Ik keek hem even verwonderd aan.
-‘Nee, dat kan dan niet. Maar daarna kun je nog zoveel zingen als je wilt.’

Terug naar huis in de auto begon hij te zingen. Hij zong de muziek van het filmpje dat hij net even eerder had gezien. Op het einde zong hij met zijn prachtige stem de modulaties en ging, toen helemaal op het einde de film bij het multiversum was aangekomen, ook zelf tot het uiterste. Het klonk als de koningin van de nacht, oei wat hoog, een Gis twee gestreept, maar hij haalde het nog net. Hij zong door tot afstanden die je niet meer kon zien. Hij zong naar dingen toe die nog nooit iemand had gezien. Hij zong met zijn hoofd in de wolken tot voorbij alle quarkdeeltjes, tot in het oneindige.

In de film klonk dat laatste stukje zo:

Over Pieter Simons

Docent muziektheorie. Interesses: geschiedenis algemeen, kunstgeschiedenis, lokale geschiedenis, muziek en muziektheorie, filosofie, astronomie, fotografie, natuur, wilde bloemen. En daarnaast allerlei maatschappelijke dingen als onderwijs en opvoeding
Dit bericht werd geplaatst in pedagogiek en onderwijs en getagged met . Maak dit favoriet permalink.

Een reactie op Op zoek naar het oneindige

  1. Anoniem zegt:

    Wat een bijzonder kind is hij!

    Liked by 1 persoon

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.