Whitacre, Bach en mijn kleinzoon

Ik kende het stuk “October” van Eric Whitacre niet tot mijn  oudste kleinzoon het voorzong voor zijn moeder, die het opnam en naar ons toe stuurde. Uiteraard wilde ik toen ook het origineel wel eens horen.  Dat kon makkelijk via Youtube. Hij schreef het stuk al in 2000 voor harmonieorkest. In zijn toelichting zegt hij: ‘het stuk gaat over de frisse herfstlucht en de subtiele veranderingen in het licht, die me altijd een beetje sentimenteel maken. Terwijl ik begon met de eerste compositie-schetsen voelde ik dezelfde rust. De eenvoudige, pastorale melodieën en de daaropvolgende harmonieën zijn geïnspireerd op die van de grote Engelse romantici, en ik voelde dat deze stijl ook perfect was om de pastorale ziel van het seizoen vast te leggen. Ik ben blij met het eindresultaat, vooral omdat er niet zoveel van dit soort gevoelige en mooie muziek is geschreven voor blazers’.

Ik heb geen flauw idee hoe vaak mijn kleinzoon naar het stuk heeft geluisterd. In het begin hoor je heel subtiel het geluid van de “chimes” als een soort dwarrelende herfstblaadjes.  Dat probeerde hij na te doen. Maar het viel me op dat hij het eerste motiefje een beetje heeft omgevormd, het klinkt een beetje als een motief uit een film die over het heelal gaat en dat daar wat op lijkt. Maar heel opvallend: na drie keer komt er een subtiele wijziging in het motief bij Whitacre, dezelfde wijziging ook bij mijn kleinzoon. De vijfde keer weer als voorheen, bij zowel Whitacre als bij wat mijn kleinzoon er van maakt. Nog een verschil: de toonsoort. Waar hij eerder bij “de traan” van Piazolla exact alles op de originele toonhoogte zong is de toonsoort nu een andere. Ik vermoed dus dat hij het nog maar een of twee keren beluisterd heeft. Maar blijkbaar vond hij het zo mooi dat hij het is gaan nazingen. Luister naar het begin van het origineel en de imitatie van mijn kleinzoon:

Gisteren hebben we hem meegenomen naar “open monumentendag” in Gouda. Er werd de hele dag in de St. Jan op het immense Moreau orgel gespeeld en je kon ook omhoog klimmen tot achter het orgel, waar alle orgelpijpen te zien waren. Ook kon je bij de organist zelf komen. Maar wat hij vooral graag wilde was luisteren naar de akoestiek van de kerk terwijl hij zelf zong. Hij ging helemaal alleen staan tegen een wand van de kerk en luisterde intussen naar de muziek van het orgel. Toen het “Air” van Bach begon ging hij spontaan al luisterende meezingen. Niet met de hoofdmelodie, maar hij wilde juist tonen zoeken die erbij pasten. Hij kende het stuk niet want hij miste af en toe een enkele toon die bij de modulaties pasten, iets dat hij anders denk ik feilloos mee genomen zou hebben. Maar toch: hij luisterde, voelde en zong. Hij zingt mooi en zuiver en ontroert in zijn muzikale en spontane omgang met deze klanken.

stjanzingen

Over Pieter Simons

Docent muziektheorie. Interesses: geschiedenis algemeen, kunstgeschiedenis, lokale geschiedenis, muziek en muziektheorie, filosofie, astronomie, fotografie, natuur, wilde bloemen. En daarnaast allerlei maatschappelijke dingen als onderwijs en opvoeding
Dit bericht werd geplaatst in autisme, muziek, pedagogiek en onderwijs en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.