Johannes Ciconia en Johannes de Lymburgia

De periode tussen 1350 en 1450 noemt men soms de zwarte eeuw. Het was de tijd van de zwarte dood (de pest), de Frans-Engelse oorlog en de conflicten rond het pausdom. Van 1309-1376 was het pauselijk hof verplaatst van Rome naar Avignon. In 1378 kwam er weer een Romeinse paus: Urbanus VI. Maar een aantal kardinalen beviel dit niet, ze vertrokken weer naar Avignon en kozen daar een nieuwe paus: Clemens VII. Beide pausen bestreden elkaar. De paus in Avignon werd gesteund door Frankrijk, Bourgondië, Napels en Schotland. De rest van Europa sloot zich aan bij de Romeinse paus. Het schisma duurde voort tot 1417.  Trok je door Europa dan kon je behoorlijk in de problemen komen als je door een vijandig bisdom moest reizen. De hoofdpersonen van dit artikel kwamen uit Luik, en de bisschop van Luik erkende de paus van Avignon.

Na deze periode werd het beter. Musicologen hebben het in die tijd over de Nederlandse of liever gezegd de Vlaamse school. Bedoeld worden de ongeveer vijf generaties van componisten die, afkomstig uit het gebied van Noord-Frankrijk tot ’s Hertogenbosch, zich vestigden in het buitenland, vooral Italië, en daar een belangrijke stempel op het muziekleven gingen drukken. Ze waren zeer gewild aan de diverse hoven van graven en hertogen maar ze stonden ook in dienst van bisschoppen of de paus.

Van de muziek uit de tijd voor de Vlaamse scholen is veel minder bekend. Nog voor de tijd van Dufay, vertegenwoordiger van de eerste Vlaamse school,  trokken er ook al mensen uit de Nederlanden en Noord-Frankrijk naar Italië. En wel in deze “zwarte eeuw”. Een der eersten was Johannes Ciconia, en een tijd later was dat Johannes de Lymburgia. Beide componisten hadden hun opleiding gehad in Luik. Deze stad was van oudsher beroemd om zijn kunstenaars, met name om zijn metaalbewerkers en goudsmeden.

LuikOp deze tekening zien we het bisschoppelijke paleis en de Lambertuskerk, voor dat die in de Franse tijd werden verwoest.

Naar Luik reisden ook veel mensen van adel, zoals later de hertog van Mantua. Zij gingen er heen vanwege de warmwaterbronnen, zoals Karel de Grote eeuwen eerder om die zelfde reden naar Aken ging. Bovendien was de stad beroemd om de kwaliteit van de pelzen, meest pelzen van eekhoorns. Ook Petrarca wist de stad te vinden, hij bezocht in Luik meerdere kloosters en vond daar een aantal verloren gewaande afschriften van werk van Cicero. Hij, als een van de eerste renaissance kunstenaars, wilde het werk van deze Romeinse dichter en redenaar zo volledig mogelijk leren kennen. In dit grote prins-bisdom, (voor een groot deel komt dat overeen met de huidige Belgische provincie Luik) dat tot de Franse tijd bestuurd werd door een bisschop, waren maar liefst 38 kapittelkerken waarvan acht in de stad zelf. Deze waren, behalve het bisschoppelijk kapittel, direct afhankelijk van de paus. Naast de Lambertuskathedraal was de kapittelkerk van Johannes de Evangelist de belangrijkste van de stad. Deze had een goede koorschool, en aan die koorschool kregen Johannes Ciconia en later ook Johannes de Lymburgia hun opleiding.

Van het leven van Ciconia weten we iets meer af dan van het leven van De Lymburgia. Ciconia, geboren tussen 1330 en 1335, was in 1350 met zijn broer in opdracht van zijn vader met een groep mensen en een lading pelzen meegetrokken naar het pauselijke hof van Avignon. Het was net de tijd van de eerste uitbraak van de pest. En de groep moest voortdurend op zijn hoede zijn. Het was op veel plaatsen niet pluis door rondtrekkende en plunderende soldaten die op drift waren geraakt. De reis verliep voor zover we weten goed. Ciconia kreeg in Avignon zelfs een aanstelling bij kardinaal d’Albornoz en trok, samen met nog vier mensen uit Luik, met hem mee naar steden in Italië. De kardinaal was pogingen aan het doen om de pauselijke zetel weer naar Rome te verplaatsen. Dat is hem niet gelukt. Samen met de kardinaal reisde hij uiteindelijk via Florence, Orvieto, Viterbo en Bologna naar Padua. Toen de kardinaal in 1367 overleed ging Ciconia naar het hof van Milaan waar hij een tijdlang een betrekking kreeg. Maar in 1372 was hij weer in Luik waar hij kanunnik werd. Als kanunnik ben je binnen, je krijgt vaste inkomsten waar je weinig voor hoeft terug te doen. Hij kon zich nu helemaal aan de muziek wijden. Hij schreef in die tijd vooral kerkmuziek maar ook een theoretisch werk: Nova Musica. Na een relatief gelukkige tijd waarin hij trouwde en kinderen kreeg, sloeg het noodlot toe. Een zware pestuitbraak teisterde in 1400 de stad.  Uit Padua kwam het bericht dat hij daar welkom was en hij kreeg een mooie post aangeboden. Ciconia schreef een afscheidslied voor zijn vrouw en kinderen en vertrok weer naar Italië. Hij werd domheer en leider van de kathedrale koorkapel. Hij schreef ook daar verschillende werken. In de maand december 1400, niet zolang na zijn aankomst vanuit Luik, schreef hij het motet “Venecie Mundi Splendor”, “Venetië, parel van de wereld”. Een motet met twee teksten door elkaar. In een van de teksten verwerkte hij op het einde zijn eigen naam:

Protecanit voce pia
Tui statum in hac via
Et conservet et Maria
Johannes Ciconia, amen.
Beschermt zijn trouwe stem
Staande in dit leven
En Maria, behoedt hem,
Johannes Ciconia, amen

Het stuk wordt uitgevoerd door het Huelgas ensemble o.l.v. Paul van Nevel. De voortekens die je hoort verschillen op veel plaatsen van wat je in de partituur ziet. Het probleem is dat er weinig zekerheid bestaat over die voortekens. Veel dingen waren zo vanzelfsprekend dat men ze niet noteerde. Er zijn daardoor meerdere interpretaties mogelijk. Ik zelf vind de interpretatie van het Huelgas ensemble heel logisch, beter dan de genoteerde versie.

Een stuk van Ciconia, dat hij schreef in Milaan besprak ik al in het kader van een ander artikel. Je vindt het hier.

Ciconia overleed in Padua 11 jaar later, tussen 15 en 25 december 1411.

Van Johannes de Lymburgia had ik tot voor kort nog nooit gehoord. Hij is geboren in het hertogdom Limburg, dat sinds 1273 bij het hertogdom Brabant was gevoegd. Waarschijnlijk in het stadje Limbourg, aan de rand van de Ardennen.

Ook hij kreeg een kooropleiding in Luik, in dezelfde koorschool van het kapittel van Johannes de Evangelist. Daar werd hij in 1408, dus vier jaar voor de dood van Johannes Ciconia, aangesteld als cantor. Hij volgde daar Wilhelmus Chiwogne op. Chiwogne, in het Italiaans Ciconia (ooievaar), was een familielid van Johannes Ciconia die toen in Padua vertoefde. We kunnen uit al die gegevens concluderen dat Johannes de Lymburgia waarschijnlijk ergens tussen 1380 en 1390 is geboren in het stadje Limburg. In 1424 werd hij zanger-componist in Padua en in 1431 kreeg hij een aanstelling in Vicenza. In 1436 was hij weer terug in de buurt van Luik en heeft dan een baan aan de Notre Dame van Huy. Daarna wordt zijn naam nergens meer genoemd.

De muziek die we van hem kennen komt uit slechts een enkel manuscript, het Q15 manuscript dat zich nu bevindt in het muziekmuseum van Bologna. Dit manuscript was plaatselijk zwaar beschadigd en een deel van de muziek moest na restauratie opnieuw worden geïnterpreteerd. Behalve dat een enkel stuk, zoals “Gaude felix Padua”, onleesbaar leek, bleken er ook op veel plaatsen fouten in te zitten. Het waren transcripties gemaakt door een nog onbekend iemand. De stijl van De Lymburgia wijkt  behoorlijk af van die van zijn tijdgenoten, er zitten bij een enkel stuk bijvoorbeeld verrassende dissonanten in. De musicologen dachten eerst dat dit wel vergissingen moesten zijn maar na een tijd kwamen ze er achter dat het heel consequent gedaan was.  Verder valt op hoe hij in enkele stukken bewust bepaalde woorden of lettergrepen benadrukt door lange noten of plotseling veranderende zettingen, wat in die tijd nog nauwelijks voor kwam. In deze codex staan 46 stukken die tussen 1430 en 1435 in Vicenza  toegevoegd zijn onder de componistennaam Johannes de Lymburgia. Hier een voorbeeld van een stuk met een wel goed leesbaar handschrift. In die tijd maakten ze geen partituren, maar elke partij werd apart opgeschreven.

Lymburgia muziekIn dezelfde codex staan ook nog enkele stukken die niet aan iemand zijn toegeschreven maar stilistisch heel goed ook van De Lymburgia zouden kunnen zijn. Zo komen we op ruim vijftig composities, waaronder 13 motetten, die we nu van hem hebben. Dat is erg veel en geeft musicologen behoorlijk wat mogelijkheden om zijn muziek een plaats te geven. Het ensemble “le Miroir de Musique” heeft onlangs 15 composities van De Lymburgia op CD gezet.

Een van de stukken in het manuscript Q15 is een hymne voor de heilige Petrus van Verona.

Wie was deze Petrus? De feestdag van deze heilige is 4 juni. Hij werd in 1205 geboren in Verona uit ouders die kathaar waren. Deze nieuwe en extreme vorm van het Christendom had zich op veel plaatsen in Europa weten te nestelen, met name in Zuid-Frankrijk, Noord-Italië en in de omgeving van Keulen. Een van de grootste problemen voor de autoriteiten was dat Katharen geen wereldlijk gezag erkenden en weigerden om een eed af te leggen. Ze waren heel sociaal en zeer vrouwvriendelijk: mannen en vrouwen waren in hun ogen gelijk. Men kreeg geen vat op hen en toen besloot men maar om hen gedwongen te bekeren of ze zelfs helemaal uit te roeien. De Dominicanen hebben hier een belangrijke en dubieuze rol in gespeeld. Op zijn vijftiende jaar brak Petrus met zijn kathaarse ouders en ging hij over naar de officiële kerk. Spoedig daarna trad hij zelfs in bij de Dominicanen. De orde van de Dominicanen, predikheren, ontstond begin 13e eeuw, in dezelfde tijd dat ook die andere bedelorde, die van de Franciscanen ontstond. In Noord-Italië trok Petrus van dorp naar dorp om het ‘ware geloof’ te verkondigen. Het volk vereerde hem, maar de katharen zagen in hem een verlengstuk van het machtsinstituut van de rooms-katholieke kerk. Petrus werd pauselijk gezant in Milaan en in 1251 pauselijk inquisiteur voor Como en Milaan. Op 6 april 1252 werd hij, onderweg van Como naar Milaan, bij het dorp Farga vermoord, door een dolkstoot en een bijlslag. Het verhaal gaat dat hij, stervende, met zijn eigen bloed ‘credo’ op de grond schreef. De moord was een provocatie en ‘Rome’ reageerde met een bijna ogenblikkelijke heiligverklaring, in 1253. Dit gebeurde door paus Innocentius IV, die uitdrukkelijk het martelen van ketters goedkeurde! Zo werd Petrus de tweede heilige van zijn orde, na Sint Dominicus. Hij is bijgezet in de San Eustorgio te Milaan.

Voor deze dus enigszins dubieuze heilige schreef de Lymburgia een hymne. Volgens het principe: een couplet eenstemmig, het volgende meerstemmig en dit steeds zo om en om. Van de meerstemmige uitwerking zijn er twee versies overgeleverd, een driestemmige en een vierstemmige. De zangers maken in deze uitvoering bij het laatste couplet gebruik van de vierstemmige versie, de versie die is geschreven volgens het faux-bourdon principe. We horen parallelle ritmiek met vooral sextakkoorden. (Bijvoorbeeld van beneden naar boven: E-G-C, F-A-D enzovoort.) Dit principe komt uit Engeland en was net overgewaaid naar het vaste land. Ik vind de driestemmige versie eigenlijk mooier, maar de vierstemmige versie heeft wel een goed effect als slot. Uit de tekst kunnen we afleiden dat het voor een feestdag in de paastijd is geschreven. Een prachtig, eenvoudig en buitengewoon helder lied.

Magne dies leticie
Nobis illuxit celitus
Petrus ad thronum glorie
Martir pervenit inclitus
Een grote vreugde
Verlicht ons vandaag vanuit de hemel
Petrus, de heerlijke martelaar
Heeft de eretroon verkregen
Puer in fide claruit
Parentum carens nebula
Deo servire studuit
Sub paupertatis regula
Als kind glansde hij door zijn geloof
Vrij van de dwalingen van zijn ouders
Hij deed zijn best om God te dienen
Met de regel van armoede
Carnem aflixit iugiter
In labore multiplici
Via, sequens humiliter
Patris sui Dominici
Hij kasteide zijn lichaam voortdurend
Met talloze zweepslagen
Om deemoedig de weg
Van zijn vader en heer te volgen
Vita mors insigna varia
Celum frequenti lumine
Dat Petro testimonia
De sanctitatis culmine
Zijn leven, zijn dood, talloze tekenen
En de hemel met zijn voortdurende heiligheid
Leggen de getuigenis af van Petrus’
Hoogste heiligheid
Quesumus auctor omnium
In hoc pascali gaudio
Per ipsius suffragium
Crescat mostra devocio
Wij vragen u, schepper van alle dingen
In deze tijd van de Paasvreugde
Dat door zijn toestemming
Onze vroomheid gaat groeien
Gloria tibi Domine
Qui surrexisti a mortuis
Et fortes in certamine
Sertis ornas perpetuis
Eer zij u, Heer
Die van de doden is opgestaan
En die jou, dapper in de strijd
Met een eeuwige kroon siert

Het stuk wordt uitgevoerd door “Le miroir de musique” en is verschenen op het album “Gaude felix padua” (www.miroirdemusique.com)

Johannes Ciconia en Johannes de Lymburgia. Twee Luikse componisten. Die elkaar waarschijnlijk zelfs gekend hebben, maar toch van een andere generatie waren. Zij leefden in een moeilijke tijd van pest-epidemieën en problemen in de kerk. Aan bovenstaand muziekstuk van Johannes de Lymburgia kunnen we horen hoe meer modernere compositiepraktijken vanuit Engeland (denk ook aan de honderdjarige oorlog!) inmiddels overgewaaid waren en nu ook in Italië vaste voet kregen. Ciconia schreef een boek over nieuwe muziek. Allebei waren ze wegbereiders voor de Vlaamse scholen die hierna zouden komen. Een schilderij als dat van Jan van Eyck, met op de achtergrond de Maas en de stad Luik, is het equivalent van die nieuwe kunst in de schilderkunst.

jan van eyck luik

Tegelijk komt het centrum van de kunstwereld steeds meer in Vlaanderen en Italië te liggen. Luik en het Maasland zijn nu op hun retour. In 1430 toen Johannes de Lymburgia nog leefde, vertrok de laatste tegenpaus uit Avignon. De honderdjarige oorlog kwam ten einde in 1454. En daarmee was ook de zwarte eeuw definitief voorbij.

 

Over Pieter Simons

Docent muziektheorie. Interesses: geschiedenis algemeen, kunstgeschiedenis, lokale geschiedenis, muziek en muziektheorie, filosofie, astronomie, fotografie, natuur, wilde bloemen. En daarnaast allerlei maatschappelijke dingen als onderwijs en opvoeding
Dit bericht werd geplaatst in Geschiedenis, kunst, muziek en getagged met , , , , , , , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.