Een koninklijk huwelijk in Maastricht

Het is zaterdag 19 mei 1214. En het is groot feest in Maastricht! Veel hoog bezoek had men eerder die week al moeten onderbrengen. De proost van de Servaas is er nu helemaal klaar voor. Er is genoeg te eten en te drinken en de hoge gasten hebben onderdak gevonden in de keizerpalts vlakbij de Servaaskerk. Hij kijkt nog een keer om zich heen. De kerk ziet er imponerend uit. Vijftig jaar eerder was er een nieuwe bouwfase begonnen. De kerk was daarmee een stuk groter geworden, er waren tientallen beelden gehouwen en mooie fresco’s aan de wanden en aan het plafond gemaakt. Alles zag er picco bello uit, van binnen en van buiten! Hij had een dag eerder al trots een aantal gasten in de kerk uitgenodigd om aan hen iets te vertellen over de symboliek van de schilderingen boven het koor en de absis. Midden op dat koor, stond het altaar met een retabel en daarop de zilveren noodkist.

koor-ahsman-klein

De gasten bekeken het met eerbied. Ook werden met veel belangstelling de afbeeldingen en de kostbare diamanten en andere edelstenen op de kist bestudeerd. En daarna waren enkele van de gasten met hem mee naar boven geklommen en hadden ze de kapitelengalerij en de keizerzaal bewonderd. Maar het meest trots was hij op het gloednieuwe portaal. En hij was blij dat het nu voor het eerst dienst kon doen, zelfs als een koninklijk portaal. Er zou vandaag namelijk een koninklijk huwelijk worden gesloten! De bruid, bruidegom, de adel en geestelijkheid van Maastricht en alle verdere genodigden zouden hier waardig in een processie door naar binnen kunnen lopen.

Om welk koninklijk huwelijk ging het dan? Daarvoor moeten we even terug in de tijd gaan. In de verwarring na de dood van Rooms-Duits keizer Hendrik VI in 1198 ontstond er een opvolgingsstrijd. Zijn zoontje Frederik was pas 4 jaar oud en woonde met zijn moeder in het koninkrijk Sicilië, een leenstaat van de paus. Zijn moeder beloofde aan de paus dat haar zoon wel koning van Sicilië zou worden als hij daarvoor oud genoeg was, maar dat hij geen gooi zou doen naar het ambt van keizer van het Rooms-Duitse keizerrijk. De broer Philips van de overleden Hendrik had veel aanhangers. Hij was daarmee de kandidaat van de Staufen. Maar een andere kandidaat was Otto IV. Hij werd de kandidaat van de Welfen. Toen Philips werd vermoord (om een heel andere reden dan om het keizerschap) leek de weg vrij voor Otto IV. Hij verloofde zich met de elfjarige dochter van Philips om zo ook de Staufen aan zich te binden en in juli 1212 trouwde hij met haar. Helaas, de inmiddels veertienjarige koningin stierf al 3 weken na het huwelijk. De strijd om het definitieve keizerschap was nog steeds geen gelopen zaak. Een nieuwe goede huwelijkspartner zou kunnen helpen.

Maria, de dochter van hertog Hendrik I van Brabant was al in een eerder stadium verloofd geweest met Otto. Maar haar vader kreeg twijfels en hij liep in 1204 over naar het Staufische kamp. Maria moest toen wel haar verloving verbreken met Otto en zij verloofde zich heel snel daarna met koning Frederik II van Sicilië. Dat leek een gevaarlijke ontwikkeling te worden, de paus ging niet akkoord. Frederik II mocht immers geen Rooms-keizer worden en met dit mogelijke huwelijk zou dat zo maar snel toch wel eens kunnen gaan gebeuren. Maria had zo al twee keer haar verloving moeten verbreken, eerst op aandringen van haar vader met Otto, nu op aandringen van de paus met Frederik. Maar ze was nog steeds een begeerde kandidaat. Zo kwam het dat Otto  zich nu opnieuw op zijn voormalige huwelijkskandidaat richtte, de inmiddels 24-jarige Maria van Brabant. Met haar aan zijn zijde hoopte hij alsnog de volledige steun van de adel voor het keizerschap te kunnen verkrijgen. En nu ging haar vader alsnog akkoord.

Waar ging het komende bruidspaar trouwen? In de Servaaskerk van Maastricht! De faam van de kerk ging door heel Europa. En, pas net klaar, had de kerk nu eindelijk ook een volledig nieuw portaal. Het was een waar koningsportaal. 1214 was waarschijnlijk de eerste keer dat deze kerk na al zijn verbouwingen en versieringen zo nadrukkelijk gebruikt werd in alle luister. Het werd een prachtige bruiloft en nu zou alles voor Otto eindelijk allemaal goed moeten komen.

Helaas, het liep anders. Een jaar later, in 1215, werd niet Otto, maar de nog jonge Frederik II, de zoon van Hendrik VI, geaccepteerd als Rooms-Keizer door het grootste deel van de Duitse adel en ook de paus ging schoorvoetend akkoord. De Staufen hadden uiteindelijk dan toch gewonnen. Deze nieuwe keizer zou een van de grootsten van de geschiedenis worden. Ik schreef eerder al enkele artikelen over hem. Otto IV verloor dus in een klap de rest van zijn aanhang en stierf drie jaar later in Braunschweig.

Hoe ging het verder met Maria van Brabant? Op wikipedia lezen we:

Haar vader Hendrik I regelde opnieuw een politiek huwelijk voor zijn inmiddels 30-jarige dochter. Zij trouwde in 1220 met de 45-jarige graaf Willem I van Holland, een belangrijke bondgenoot voor hertog Hendrik I. Maria en Willem hadden geen kinderen. In 1222 werd Maria opnieuw weduwe. Zij keerde na verloop van tijd weer terug naar het hertogdom Brabant, maar verbleef ook van tijd tot tijd op haar weduwegoed Dordrecht. Na de dood van haar vader in 1235 verkreeg zij de heerlijkheid Helmond en het goed Miskem, in de buurt van Leuven. Maria vestigde zich in het eerste kasteel van Helmond, ’t Oude Huys. Uit verschillende oorkonden is gebleken dat Maria zich intensief bezighield met de ontwikkeling van Helmond. Met name de stichting van de Abdij van Binderen, in 1244, hield haar bezig. Maria zorgde ervoor dat de abdij in 1246 formeel werd opgenomen in de cisterciënzer orde. Maria vormde in haar burcht naar alle waarschijnlijkheid een centrum van cultureel en hoofs leven. Archeologische vondsten bewijzen dit. Haar invloed binnen de hoofse literatuur komt duidelijk naar voren in verzenepos Demantin van Berthold van Holle. Ook zijn er aanwijzingen dat Maria de Duitse dichter Wolfram von Eschenbach heeft begunstigd. In diens epos Parzival is de episode over de Zwaanridder en de ongehuwde hertogin van Brabant duidelijk geïnspireerd op Maria’s perikelen. De laatste jaren van haar leven verkeerde zij regelmatig in Dordrecht en Miskem. Maria van Brabant overleed in 1260 en werd naast haar moeder in de Sint-Pieterskerk in Leuven begraven.

Het koningspaar was slechts een jaar echt koning en koningin geweest. Maar Maastricht had even helemaal op de kaart gestaan. 1214 was voor Maastricht een jaar met een gouden randje.

Geplaatst in Geschiedenis | Tags: , , , , | 1 reactie

Het Bergportaal van de Servaaskerk

In 1214, bij de voltrekking van het tweede huwelijk van Otto IV, werd het nieuwe portaal van de Servaaskerk waarschijnlijk voor het eerst officieel in gebruik genomen. Het wordt het Bergportaal genoemd, omdat het zuid-westelijke deel van de kerk tegen een heuvel aan ligt.  Het portaal was gewijd aan Maria, zoals ook het altaar in het westelijke deel van de kerk aan Maria was gewijd. Tegenwoordig ga je trouwens daar niet meer de kerk in. De hoofdingang ligt nu bij het Keizer Karelplein, aan de andere kant. Het portaal heeft nu meerdere functies. Meestal is het een enigszins museaal deel, waar je alle gerestaureerde beelden van rond 1200 kunt zien. Het ziet er nog steeds, afgezien van de vloer, net zo uit als toen het werd gebouwd. In de kersttijd staat er de enorme kerststal. Om dit alles te zien moet je er van binnenuit, vanuit de kerk naar toe lopen en dan kun je dus meestal alle beelden en ook de vloer bewonderen.

Deze vloer heeft Cuijpers laten aanbrengen (april 1887) en het is het enige echt nieuwe element in dit portaal. De vloer heeft tegels in de vorm van een doolhof, welk in het middelpunt, het heilige Jeruzalem uitkomt. In de vier hoeken van die doolhof liggen Aken, Rome, Constantinopel en Keulen. Maar het doolhof begint in de stad van Sint Servatius!

vloer-maastricht

Hieronder zie je het interieur van het Bergportaal van de Servaaskerk. Dit zag je dus als je hier door, na eerst een aantal trappen naar beneden genomen te hebben, naar binnen ging, nog voordat je in de kerk zelf was.

portaal panorama

Door Pedro J Pacheco – CC BY-SA 4.0, Eigen werk. Opname gemaakt in panoramastand waardoor er een verdraaiïng is ontstaan.

Als je, staande met je gezicht naar de kerk,  schuin omhoog kijkt, dan zie je vier rijen archivolten met allemaal personen daarin. Deze zijn gegroepeerd rond een Maria tympaan. De archivolten kun je per rij van boven naar beneden lezen en dan krijg je een stamboom. De binnenste archivolt is de meest opvallende: links zien we in deze kleine archivolt van boven naar beneden Anna, Maria, Jezus en een niet bekend iemand (Christus had toch geen kind?…) Rechts zien we de broer van Anna en zijn nageslacht: Esmeria, Eliud, Emiu en: ….. Servaas. De figuren in de buitenste archivolten zien er allemaal vrijwel eender uit. Het gaat meer om aan te geven dat er een belangrijke stamboom is vanaf Abraham die uiteindelijk bij Maria en Christus uit komt. Maar: er is een kleine zijlijn en die komt dus uit op: Servatius!  Servaas stamt, net als Maria en Christus, uit een heilig geslacht, dat is de boodschap. Ook hier weer wordt Servaas op een enorm voetstuk geplaatst, zoals dat ook in de kerk zelf op meerdere plaatsen gedaan was. Maar het eigenlijke middelpunt van het hele ensemble zien we in het timpaan. Maria, die overlijdt in haar ziekbed, die weer tot leven wordt gewekt door engelen en die in de hemel wordt opgenomen en wordt gekroond door Christus.

Maria-tympaan en stamboom servaas

De acht grote beelden, die je in twee groepen van vier aankijken, die stellen wel allemaal duidelijk iemand voor, maar als je de verslagen van de restauratie van Cuijpers leest, blijkt dat er aardig wat aan is opgeknapt.
Servaas zelf is bijna helemaal opnieuw gemodelleerd, Maria, die eigenlijk Simeon moet zijn, heeft een nieuw hoofd gekregen en bij nog vier van de acht standbeelden is ook het hoofd vernieuwd.

litho 18e eeuwOp bovenstaande 18e eeuwse litho zien we, op de plek waar nu het Maria-beeld staat, heel duidelijk een figuur die Simeon zou kunnen zijn. Het beeld van Servaas is compleet gewijzigd: als deze afbeelding klopt dan had hij oorspronkelijk geen mijter en ook stak hij niet met zijn staf in een draak. Je gaat sterk twijfelen of hier oorspronkelijk wel Servaas heeft gestaan.. Is hij na de Franse tijd misschien al een keer opnieuw gerestaureerd? Cuijpers heeft gebruik gemaakt van wat er in de tachtiger jaren van de negentiende eeuw stond, en dat lijkt er echt toch wel anders uit te zien als op het litho van voor de Franse tijd. Cuijpers maakte van de gehavende toestand die hij moest gaan restaureren deze foto:

beeldengroep rechts-origineelMaria dat moet dus in ieder geval de hogepriester Simeon zijn, zoals ik in een eerder blog al uitlegde.

Nu ziet de rechter groep er zo uit:

beeldengroep-rechts

We zien dan van links naar rechts:

  • Simeon (onder hem misschien als attribuut Jesaja, die de tekst van Simeon in de tempel al voorzag),
  • Johannes de doper (onder hem het water, hij doopt. Het kind dat hij doopt zal Jezus zijn).
  • Dan Johannes de Evangelist. Op de litho houdt hij een gesloten bijbel in zijn armen, hier toont hij een tekst. (Onder hem als attribuut de adelaar.)
  • Rechts zien we Servatius die op een draak staat. (Volgens de legende doodde hij net als Sint Joris een draak). In zijn hand houdt hij de beroemde sleutel en de bisschopsstaf. Dit beeld is zeer aangepast. Zoals gezegd twijfel ik zelfs of hier wel Servatius moet staan.

De linker groep ziet er zo uit:

beeldengroep-linksVan links naar rechts:

  • De eerste koning uit het oude testament Samuël. Hij wordt nog steeds vaak voor Johannes de Doper aangezien, omdat er een schaal met een lam op wordt weergegeven. Een lam hoort ook bij Samuël en wordt als zodanig ook op portalen in bijv. Parijs en Chartres getoond in dezelfde combinatie met de andere oudtestamentische figuren. Verder zien we onder Samuel het attribuut: 2 hoofden. Het gaat hier vrijwel zeker over de zonen van Samuël, Joël en Abia, zijn oudste zonen, die recht spraken in Berséba.
  • Daarnaast staat koning David met de harp, onder hem zien we de strijd met Goliath.
  • Daarnaast staat Mozes met de stenen tafel, onder hem “manna en kwartels” die volgens de bijbel de Israëlieten zouden redden van de hongerdood.
  • En tot slot zien we Abraham die zijn zoon Isaac dreigt te gaan offeren. Onder hem als attribuut het te offeren lam.

Links staan dus vier oudtestamentische figuren die vier figuren uit het nieuwe testament aan de rechterkant voorafgaan:

  • Abraham staat er met Isaac, Isaac staat voor de latere offerdood van Christus.
    Deze Christus zien we in de armen van Simeon in het nieuwe testament.
  • De wetten van Mozes staan voor de teksten van het oude testament,
    zoals Johannes teksten voor het nieuwe testament schreef.
  • David schreef psalmen en drong door tot de harten van de mensen,
    Johannes de Doper verwarmde die harten door de mensen te dopen.
  • Samuel, de rechter van het oude testament, wordt in het nieuwe testament
    Servaas, die aan de hemelpoort naast Petrus de slechten van de goeden scheidt.

Boven de acht grote standbeelden staan een aantal kapitelen met daarop afbeeldingen, die eerder romaans dan gotisch aandoen. Bladranken, vogels, slangen, mannetjes, een boogschutter, een leeuw, hagedis-achtigen. Er is geen link met de standbeelden daar onder. Ik krijg associaties met sommige Romaanse kapitelen in de kerk zelf, met name die in de kapitelengalerij hoog boven het orgel.

kapitelen boven beeldenkapitelen boven beelden2

In de zijwanden zijn grote nissen en in die nissen staan in totaal 12 figuren. Elke figuur staat in een eigen rondboog. We zien aan de westwand: Synagoge (staat voor de Joodse kerk), Abraham, Melchisedech, Elia, Elise, Jesaia. Aan de oostwand: Isaac, Jacob, Aäron, Jeremias, Ezechiël en Daniël. Het gaat dus om 12 oudtestamentische figuren, onder wie veel profeten. Hoog daarboven zie je 12 engelenfiguurtjes, per drie onder één rondboog. Ik laat hier een groepje van drie zien. Als je zou kunnen lezen wat er op de banderole staat zou je kunnen achterhalen wie wie is. Dat is vanuit die grote afstand in het portaal trouwens mogelijk:

oudtestamentische figuren

Ga je vanuit de kerk naar het portaal dan wordt je uitgeleide gedaan door een Romaanse Majestas Domini die een zegenend gebaar maakt. Hij wordt omringd door de vier evangelisten, afgebeeld in de vorm van hun attributen Leeuw, Adelaar, Stier en Engel.

zegenende christusEr zijn bij de restauratie van Cuijpers, en waarschijnlijk ook al eerder, meerdere dingen mis gegaan. Desondanks is dit portaal een prachtig voorbeeld van vroege Gotiek en krijgen we een mooie indruk van een deel van de kerk zoals die er 800 jaar geleden uit zag.
Er zijn nog veel meer dingen te vertellen over dit portaal. Er zijn hele boeken over geschreven. Ik verwijs in ieder geval naar het belangwekkende artikel van de Jong/ Koldewij/ Mekking en van Run in  “Publications de la Société Historique et Archéologique dans le Limbourg, 1977”.

 

Geplaatst in Geschiedenis, kunst | Tags: , , , | 1 reactie

Nunc dimittis

bergportaal2In het Bergportaal van de Servaaskerk van Maastricht bevindt zich een merkwaardig beeld van Maria met kind. Dit enorme portaal* heeft in de loop van de tijd veel te lijden gehad, om te beginnen al in de tijd van de beeldenstorm (1566) toen veel beelden werden onthoofd. Dertig jaar later werden ze dan wel hersteld, maar dat schijnt niet erg zorgvuldig gebeurd te zijn. Sommige beelden hebben zo veel te lijden gehad dat Pierre Cuijpers, die rond 1880 de kerk restaureerde, zich met een van de beelden niet goed raad wist. Hij zag een persoon met een kind in de armen. De persoon leek op Jozef. Cuijpers wist dat de Jozefverering pas veel later op gang was gekomen. Dit kon dus niet de originele afbeelding zijn. Bovendien zag hij dat het hoofd al een keer eerder was gerestaureerd. Geen Jozef, wie dan wel? De lelie die de man droeg zou naast Jozef ook op Maria kunnen wijzen. Dan moest het origineel dus Maria geweest zijn was zijn redenering. Hij verving het hoofd door een vrouwelijk Maria-hoofd.  Na vergelijking met andere portalen (bijvoorbeeld Senlis) weet men inmiddels zeker dat het niet om Maria, maar om Simeon moet gaan. De oude Hogepriester die het kind in de tempel in de armen nam. Het Mariabeeld van Cuijpers staat er nog steeds. Bij een rondleiding die ik er enkele jaren geleden had werd het beeld gewoon als een Mariabeeld beschreven, zonder de oorspronkelijke betekenis te vermelden… Cuijpers had voor hij begon met restaureren enkele foto’s laten maken. Geen al te beste foto’s, maar zo zag het er in 1880 ongeveer uit:

simeon-bergportaal-origineel

Het hele portaal met tientallen beelden is tussen 1170 en 1210 gebouwd en staat bekend als het eerste vroeg-gotische portaal in de Nederlanden. Ik zal hier nog een keer een apart artikel aan wijden. De beeldhouwwerken hier zijn duidelijk jonger dan de Romaanse beeldhouwwerken van de kapitelengalerij van de Servaaskerk.

Waar staat Simeon voor?  Simeon was heel oud, maar zou pas sterven nadat hij Christus had gezien. Vooral deze regels in de evangelietekst zijn beroemd:

Heer, laat nu uw dienaar gaan, zoals u voorspelde, in vrede. Want mijn ogen hebben uw verlosser gezien, die u voor het aangezicht van alle volkeren hebt gestuurd. Als een licht om de mensen te verheffen, en tot eer van het volk van Israel.

Veel kunstenaars en componisten hebben zich door deze tekst laten inspireren. Rembrandt schilderde in 1650 de oude grijsaard Simeon. Hij kan nauwelijks praten, alles is traag. Maar je ziet hem de tekst uit het Lucas-Evangelie als het ware mompelen. Op de achtergrond staat Maria. Zij kijkt niet blij. Ze weet wat dit kind nog te wachten staat. De blijdschap van Simeon wordt gesmoord door haar onderdrukte verdriet.

simeon-rembrandt

Een van de vele componisten die deze tekst gebruikten om er een motet op te schrijven was William Byrd. Ook hier hoor je dat Simeon oud en traag is. De tekst komt desondanks indringend over, gezongen door het Monteverdi Choir o.l.v. John Eliot Gardiner. Verschenen op het album “Vigilate” . Het horen van dit motet en de indruk die het op mij maakte vormde de aanleiding tot het schrijven van dit artikel.

Nunc dimittis servum tuum Domine: Heer, laat nu uw dienaar gaan
secundum verbum tuum in pace: zoals u voorspelde, in vrede
Quia viderunt oculi mei salutare tuum: want mijn ogen hebben uw verlosser gezien
quod parasti ante faciem omnium populorum: die u voor het aangezicht van alle volkeren hebt gestuurd
lumen ad revelationem gentium: een licht om het volk te verheffen
et gloriam plebis tuae Israel: en tot eer van het volk van Israel.

* Het bergportaal van de Servaaskerk: in een oorkonde van Frederik Barbarossa uit 1154 wordt gesproken over een palatium nostrum Traiecti (“ons paleis in Maastricht”), een verwijzing naar het bestaan van een koninklijke palts in Maastricht, waar ook andere aanwijzingen voor bestaan, zij het geen eenduidige archeologische. De meeste auteurs situeren deze palts in de nabijheid van de Sint-Servaaskerk. Een mogelijkheid is op de zuidwesthoek van de kerk, waar kort na 1200 de Sint-Janskerk werd gebouwd. Deze laatste locatie zou verklaren waarom juist het zuidportaal, recht tegenover de koninklijke palts, werd uitgebouwd tot porticus speciosa (schitterend portaal) met niet mis te verstane verwijzingen naar het koningschap in het beeldhouwwerk (Jezus en Maria als Koning en Koningin van de Hemel op het centrale paneel, het meer dan levensgrote beeld van koning David naast de ingang en de koningen van Israël op de archivolten). Hoe dan ook lijkt het logisch dat dit “koninklijk” vormgegeven portaal de entree was voor hoog bezoek. De huwelijksvoltrekking van Otto IV en Maria van Brabant was zeker niet de laatste keer dat de kerk vereerd werd met koninklijk bezoek. Keizer Karel IV woonde in 1357 de herinwijding van de kerk bij, de Beierse hertog Hendrik XVI genas er in 1403 op miraculeuze wijze van de jicht en de Luikse prins-bisschoppen en de Brabantse hertogen waren er regelmatige gasten. Karel de Stoute, Karel V en Filips II bezochten de stad en de Sint-Servaas meerdere keren en logeerden in het vlakbij gelegen Spaans Gouvernement. (Wikipedia)

 

Geplaatst in kunst, muziek | Tags: , , , , , , , , | 1 reactie

Schindlers’ List

Bij ons thuis was er koninklijk bezoek. De koning was er! Hij at in koningsmantel mee aan tafel. Ook danste hij in vol ornaat de tango. Zoals bekend houdt zijne koninklijke hoogheid koning Willem-Alexander ook erg van sport. Dus moest er ook gevoetbald worden. Helaas werkten de elementen tegen.  Maar dat mocht de pret niet drukken.

Mijn oudste kleinzoon heeft dus inderdaad zijn koningsmantel gekregen en wat ís hij er blij mee! Voor hem en voor ons, zijn grootouders, was het dus koningsdag. Tegelijk kreeg hij zijn eerste pianoles. Daarin leerde hij uitsluitend “boer daar ligt een kip in het water”, maar dan met vijf vingers. De duim, pink en veelal ook de ringvinger worden door hem, nooit gebruikt. En het wordt dus tijd dat hij die ook gaat gebruiken. Maar intussen bleef hij daarna gewoon met twee handen en twee of drie vingers improviseren.

Op youtube hoorde hij het thema uit Schindlers’ List van John Williams. Dat vond hij erg mooi. In die opname moest een vrouw die de hobopartij  speelde huilen. Haar dochter zat in de zaal en lachte haar bemoedigend toe. Mijn kleinzoon was zeer onder de indruk. Van de muziek, maar ook van die twee vrouwen. Hij wist zeker dat de moeder deze muziek heel ontroerend vond en dat ze daarom moest huilen.

De vrouw waar het om ging was Davida Scheffers.  Scheffers lijdt namelijk aan een pijnlijke vorm van reuma. Deze ziekte betekent het einde van haar professionele carrière. Haar angst was dat zij binnenkort haar instrument helemaal niet meer zou kunnen bespelen. Nog een keer mocht ze daarom in een orkest de solo spelen. Dat regelde Simone Lamsma voor haar, aangezien ze ontroerd was door het achtergrondverhaal van Scheffers. In dit stuk deed ze het fantastisch. Onder toeziend oog van haar dochter speelde ze haar solo voor een volle concertzaal. Nadat haar deel was geëindigd en Lamsma de vioolsolo speelde, werd Scheffers emotioneel. Net als iedereen in de zaal.

Mijn kleinzoon ging aan zijn tekentafel zitten. Hij  tekende de dochter in de zaal die haar moeder toe lachte. Alle andere mensen in de zaal liet hij in deze tekening weg. Hij kleurde naar mijn idee wel de emotionele gevoelens die uit de film of uit de muziek straalden. Het leverde deze prachtige tekening op.

schindlers-list

Het thema van Schindlers’ List probeerde hij daarna ook nog eens in noten op te schrijven.
-‘Opa, is het zo goed?’
Ik vond het geweldig, ik herkende de contouren van het springerige vioolthema. Van noten leren lezen is nog niets gekomen, maar dat komt er zo te zien nu snel aan!

noten

 

Geplaatst in autisme, muziek | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Verlanglijstje

Tussen de stapel tekeningen die mijn oudste kleinzoon van zes jaar gisteren maakte toen hij bij ons was, vond ik nog een verlanglijstje. Vijf regels. Dat zullen vijf cadeautjes zijn waar hij om vraagt zul je denken. Nee hoor. Hij vraagt beleefd aan Sinterklaas in vijf regels om slechts één cadeautje: een koningsmantel. Er staat ook iets over snoepgoed maar dat wil hij zeker niet weet ik, hij houdt niet van snoepen. Verder raadt hij sint aan om maar in zijn boek te kijken, dan weet hij waar die koningsmantel heen moet. Ik kan het niet helemaal ontcijferen maar volgens mij staat er zo iets:

Lieve Sint, weet u dat in de pakjes-
kamer is een koningsmantel
goed zien ……. goedheiligman
…… … snoepgoed, kijk
maar in je boek

verlanglijst1

Geplaatst in autisme | Tags: , , | Een reactie plaatsen

De tijd van Sinterklaas

-‘Mama, mama, zwarte Piet had bij opa en oma aangebeld en een zak voor de deur neergezet!’
Mijn middelste kleinkind was nog steeds een beetje door het dolle heen, maar vond het vooral fantastisch en spannend. Voor dit soort kinderen die het aan kunnen is het een feest. Zoals ik me dat ook nog uit mijn eigen kindertijd herinner. Maar er zijn ook kinderen die er meer moeite mee hebben.

Mijn oudste kleinzoon had de vorige week een geheim! Zijn jongere broertje vertelde, toen oma hun allebei kwam afhalen:
‘Oma, Zwarte Piet is op school geweest!’
-‘Nee, nee’ huilde zijn broer, nu verklap je mijn gehéim!
Slim als zijn broertje was gaf deze er gelijk een draai aan:
-‘Nee, ik zeg alleen maar dat hij op míjn school is geweest, niet dat hij op jóuw school is geweest.’ Dat ze allebei op dezelfde school zitten was blijkbaar even niet relevant. Oma wist een goede oplossing.
–‘Je bewaart het geheim voor opa en vanavond ook voor papa en mama, die weten het nog niet.’

Hij kon zijn verdriet wegpoetsen.
-‘Opa, ik heb een geheim.’ Ik kreeg het geheim niet te horen en ook zijn broertje praatte nu zijn mond niet voorbij. Hij nam zijn geheim mee naar huis. Mama kwam de kinderen tegemoet:
-‘Ik hoor dat Zwartepiet bij jullie op school is geweest!’
De juf had foto’s doorgestuurd naar de ouders over het bezoek van Zwarte Piet.
Mijn oudste kleinzoon werd ontzettend boos op zijn moeder:
-‘Je hebt mijn gehéim verklapt, dat mág niet, ik ben verschríkkelijk bóós!’ Schreeuwen, huilen, tieren. Hij was niet tot bedaren te brengen. Zijn moeder was een rot mens, die had zijn geheim verklapt. Elke rede kwam niet bij hem binnen. Ze had foto’s van de juf gekregen, dat kon zij toch niet weten. Het maakte allemaal niets uit. Hij liep de gang op. Oma leek hem even tot rust te kunnen brengen, maar toen kwam hij weer binnen en begonnen de woede uitvallen richting zijn moeder opnieuw. Ik bemoeide me er niet mee en ging in de woonkamer zitten, de anderen waren in de woonkeuken. Even later kwam hij, nog steeds huilende mijn kant op.
-‘Kom eens kijken’, zei ik, ‘nu kun je heel goed zien waar de ISS is.’ Op de app van de ISS zie je voortdurend waar hij is en als hij zich in het daglicht bevindt kun je met de aanwezige webcam het deel van de aarde zien waarboven hij zich bevindt. Nieuwsgierig kwam hij dan toch maar even kijken. Mama kwam binnen.
-‘Wil je morgen thuis blijven? Het is allemaal een beetje druk op school denk ik.’ Ja, dat wilde hij. Maar zijn broertje wilde toen ook thuis blijven.
-‘OK, dan zijn jullie morgen de hele dag lekker alle drie bij mij thuis.’

Hij was gekalmeerd. Maar even later, terwijl hij samen met mij nog steeds naar de app van de ISS keek, zei hij verdrietig:
-‘Ik wil niet dat mijn broertje morgen ook thuis is.’
-‘Waarom niet?’ vroeg ik hem.
-‘Omdat het dan nog steeds druk is.’
Ik begreep het wel.

Gisteren dus belde een Zwarte Piet aan bij Opa en Oma. Hij was nergens meer te zien maar het kon niet missen: er stond een zak met enkele pakjes voor de voordeur. Ook op de daken van de buren was niets te zien. De jongste twee kleinkinderen vonden het geweldig. Maar mijn oudste dus niet. Zelfs toen er pakjes en een gedicht in de zak bleken te zitten had hij geen enkele belangstelling. Hij wilde piano spelen. Maar dat mocht nu even niet. Broer en zus keken belangstellend naar elkaars cadeautje, hij taalde er niet naar.
-‘Kom eens kijken, daar ligt ook een cadeautje voor jou!’ zei mijn vrouw.
Nu was zijn belangstelling eindelijk gewekt. En gelukkig was het een cadeau dat hij erg leuk vond. Een wereldkaart met daarop alle landen, en de Nederlandse naam er bij, heel overzichtelijk.
-‘Die ga ik natekenen’ zei hij juichend en liet de anderen weer alleen met hun cadeau. Verder ging het die middag goed.  Hij wilde “de traan” van Maxima horen. Toen de tango van Piazolla begon gooide hij een deken over zijn schouder en ging in zijn eentje op de muziek dansen.  En waande hij zich weer even koning, nog zonder echte koningsmantel. Die hoopt hij van Sinterklaas  komende nacht te krijgen. Bij zijn ouders maakte hij deze twee tekeningen: Alexander die naast Maxima gezeten zijn huwelijksdocument ondertekent, en Beatrix (na 20 jaar koningin te zijn?) met een heel gezelschap.

beatrixalexander ondertekent
Bij ons tekende hij vooral weer heel veel landen en werelddelen, een heel stapeltje ligt er. Bij een tekening van de aarde zette hij de volgende tekst:

De wereld is hier kei veranderd om te gemakkelijk te zien. Hiermee bedoelt hij dat je natuurlijk nooit de hele wereld in zijn geheel op een kaart kunt zetten, je zult hem moeten veranderen, anders lukt dat niet.

wereldkaartafrikawereldkaart2

Op de terugweg in de auto zong hij uitbundig met zijn broertje en zusje Sinterklaasliedjes mee. Vrijdag is hij vrij en mag hij de hele dag bij ons zijn. Dan leer ik hem een beetje muzieknoten.
-‘Opa, als jij noten ziet staan, weet je dan ook hoe dat klinkt?’
-‘Ja zeker, en ik denk dat jij dat ook heel snel zult weten!’

Hij is zelf vast begonnen.

muzieknoten2

Geplaatst in autisme | Tags: , | 2 reacties

Malinconia

De Litouwse componist Ciurlionis, over wie ik eerder schreef, heeft niet meer mogen meemaken dat zijn land na de eerste wereldoorlog onafhankelijk werd. Ciurlionis stierf in 1911 en toen was zijn land nog een onderdeel van Rusland. Een generatiegenoot was Jean Sibelius. Toen hij in 1900 het stuk Malinconia schreef hoorde Finland, zijn geboorteland, ook nog bij Rusland. Over dat stuk, Malinconia, ga ik het zo meteen hebben. Eerst nog in vogelvlucht de geschiedenis van zowel Litouwen als Finland. Er zijn erg veel parallellen:

  • Litouwen is tot de negentiende eeuw onderdeel van groot-Polen,
  • dan wordt het door Rusland bezet in de 19e eeuw,
  • na de eerste wereldoorlog wordt het onafhankelijk,
  • het wordt een provincie van Rusland na de tweede wereldoorlog
  • en nu is het een van de meest trouwe EU-leden.

  • Finland is tot de negentiende eeuw een groothertogdom van Zweden,
  • dan wordt het door Rusland bezet in de 19e eeuw,
  • na de eerste wereldoorlog wordt het onafhankelijk,
  • het heeft een neutrale vriendschapsband met Rusland na de tweede wereldoorlog,
  • na het uit elkaar vallen van de Sovjet-unie wordt het eveneens een trouw EU-lid.

sibelius

Afgelopen vrijdag was ik bij een concert met werken van Sibelius. Er stonden drie werken van hem op het programma. Een vroeg werk uit 1890, een werk uit 1900 en een werk uit 1922. Zijn stijl ontwikkelt zich in die tijdsspanne duidelijk, maar één gemeenschappelijk element blijft: Sibelius probeert te componeren vanuit slechts weinig materiaal, dat zich in de loop van het stuk op verschillende manieren manifesteert. Met Mahler, die hij een vriend noemde, had hij discussies daarover. Mahler vond dat het leven een bonte verzameling van ervaringen was en dat je rustig totaal verschillende thema’s naast elkaar kon zetten. Sibelius vond dat een werk aan slechts één thema genoeg had. Maar niet op de manier zoals Beethoven dat vanuit een soort kiemceltechniek deed. Meer in de geest van Liszt, die hij trouwens zeer bewonderde.

Met die gedachte in je achterhoofd zou je kunnen luisteren naar Malinconia, opus 20, geschreven in 1900. Het is een stuk voor cello en piano.  Sibelius noemde het een fantasie wat al aangeeft dat de vorm slechts moeilijk te horen is. Maar het thema geeft houvast: als je naar het stuk luistert zul je merken dat alle melodische passages in de cello en ook die in de piano op een of andere manier met slechts dat ene hoofdthema te maken hebben.

melancholia-thema

Nog meer houvast geeft de titel: Malinconia, dat melancholie betekent. Deze melancholie is de gemoedsstemming van de componist. Sibelius was in de tijd dat hij het schreef zeer gevierd. Hij had een jaar eerder (in 1899) zijn eerste symfonie horen uitvoeren, hij had in dezelfde tijd acht patriottische schetsen geschreven waarvan de laatste, Finlandia, de meest bekende werd. Het is nog steeds het meest gespeelde stuk van Sibelius. Hij ging fier mee in zijn verzet tegen de onderdrukking door de tsaar die de zekere zelfstandigheid, die het groothertogdom binnen Rusland had, wilde inperken. Hij was gelukkig getrouwd en zijn derde dochter was anderhalf jaar eerder geboren. Voor haar had hij in 1899 nog een wiegelied geschreven. Waarom dan nu opeens deze Malinconia, dit donkere, melancholische stuk?

Toen ik het stuk hoorde met de donkere, felle klanken moest ik onwillekeurig denken aan mezelf. Toen ik twintig jaar oud was maakte een meisje met wie ik een kortstondige verhouding had gehad het uit. Het was de eerste keer dat een meisje met me gezoend had. Verder waren we overigens nooit gegaan. Toch, toen zij het uitmaakte raakte ik in een heftige staat van verdriet en woede. En ik ging achter de piano zitten en ik heb zeker een half uur achter elkaar zitten improviseren. Ik speelde de woede en het verdriet van me af. Ik herinner me nog hoe mijn gevoelens op en neer gingen. Dat zullen mensen die mij indertijd hebben horen spelen zeker ervaren hebben.

Zo klonk voor mij ook deze Malinconia. Vlak voordat Sibelius dit stuk schreef overleed zijn jongste dochter, anderhalf jaar oud, aan tyfus. Voor dit kleine kind, een baby nog, had hij een jaar eerder nog liefdevol een slaapliedje geschreven. Nu was hij woedend, verdrietig, radeloos.  Met een cello, maar ook met de partij van de piano, kun je zoveel van dat gevoel overbrengen. In mijn herinnering deden Pepijn Meeuws en Jeroen Bal dat afgelopen vrijdag in de grote zaal van de Doelen nog beter dan Martti Rousi en Andrey Telkov in onderstaande opname. Maar ook deze is heel goed.

Martti ROUSI, cello (Finland) Andrey TELKOV, piano (Rusland) in het conservatoriumgebouw van Leningrad

Geplaatst in Geschiedenis, muziek | Tags: , , , , | Een reactie plaatsen

ISS deel 2

In een eerder blog schreef ik al een keer over het internationale ruimtestation ISS. Ik heb een app die dit ruimtestation volgt. De live webcam aan boord laat het stuk van de aarde zien waarboven hij op dat moment “draait.” En soms kun je met die webcam ook een of twee van de ruimtevaarders zien. Op dit moment zijn er drie Amerikanen, twee Russen en een Italiaan aan boord. De webcam maakt er een echte reality-film van. De satelliet beweegt trouwens met een enorme snelheid: zo ongeveer met 27500 km per uur. Hij ging net boven België en was toen in Nederland gedurende een halve minuut te zien. Nu, niet veel later is hij al bij Slowakije en Hongarije aangekomen.

iss-positieMaar anderhalf uur eerder was hij spectaculair goed in Nederland te zien en ook iets langer, zo ongeveer gedurende vier minuten. Hij bewoog van west naar oost, bijna recht boven je hoofd. De magnitude (relatieve helderheid) was sterker dan die van Venus of Jupiter. En het was buiten ook nog eens een keer heel helder. Dus ik ging naar de polder waar ik vrij uitzicht had op zowel het westen als het oosten en kon de satelliet makkelijk helemaal volgen.

Ja, wat zie je dan? Een bewegend puntje. Het flikkert niet, het is dus geen vliegtuig. En als je er op inzoomt wordt het groter, maar helaas zie je de vorm ervan nog steeds niet. Wat is daar dan aan, zul je zeggen?

Het is de verbeelding die je erbij moet gebruiken. Heel hoog boven je, op ongeveer 421 km hoogte, dus ver buiten de dampkring in het luchtledige, draait met een enorme snelheid een kunstmaan, met daarin een team dat wetenschappelijke dingen onderzoekt. En ze blijven heel lang in de ruimte. Af en toe worden ze met een raket bevoorraad. Dat gebeurde nog afgelopen week, de bevoorradingsraket werd afgevuurd in Kazachstan, koppelde aan, en leverde weer van alles af. Het team dat er nu in zit zit er al een hele tijd in.

astronauten Gezagvoerder Christina Koch uit Amerika zit er al 261 dagen in, de rest korter. Zo lang moet geen pretje zijn maar af en toe hoor je ze onderling converseren en ze hebben geen ruzie of zo. Het klinkt allemaal erg professioneel. Wát een ervaring voor deze mensen! Ik heb ook al twee keer een ruimtewandeling gezien. Een van de astronauten gaat er dan uit om iets te doen. Ook dat wordt enigszins door de webcamera geregistreerd. Maar deze avond, het zien van dat bewegende puntje in de lucht, dat gaf een sensationeel gevoel. Ik keek nu niet naar mijn telefoon maar naar de lucht. Ik voelde een soort combinatie van het ervaren van je eigen nietigheid maar tegelijk realiseerde ik me het enorme menselijke vernuft dat dit allemaal mogelijk maakt. Het was mooi. Het filmpje hieronder heeft slechts betekenis met die dingen in je achterhoofd. Je moet er dus van alles bij denken. Ik ben trouwens zo stom geweest om regelmatig met mijn camera mee te bewegen. Je moet natuurlijk juist laten zien dat de satelliet beweegt, niet je camera…. Ik heb twee korte opnames gemaakt. Eerst is hij nog niet super helder en staat nog redelijk dicht bij de horizon. Je ziet hem op het scherm naar links boven bewegen. Bij het volgende shot is hij al veel beter te zien. Ik moet de camera nu bijna recht boven mijn hoofd richten en intussen de ISS proberen te volgen. Het (per ongeluk) bewegen met de camera suggereert misschien een ongeluk, maar er gebeurt niets. Hij is er nog steeds. Nu alweer ergens in Azië..

De volgende dag ging de zon mooi rood onder. In dat rood zag je ook Saturnus in het ZW langzaam zakken.

saturnus

Rechts van Saturnus, in het WZW, verscheen even later, om 18:37 uur alweer de ISS. Ik heb nogmaals een stukje van de baan geregistreerd.

Geplaatst in Astronomie | Tags: | 5 reacties

De raaf en de zonnegod

Raven, kraaien, kauwtjes. Ze zijn allemaal zwart en ze behoren tot dezelfde familie. Globaal zie je dat aan de kleur, maar vooral ook hoor je het aan de geluiden die ze produceren: schelle, schorre geluiden. Bij de oude Grieken was de raaf de dienaar van de god Apollo. Apollo, een van de zonen van de oppergod Zeus, was oorspronkelijk een god van herders. De raaf was een knecht van Apollo die voor hem water moest halen. Een keer kwam hij veel te laat omdat hij heel lang vijgen had zitten snoepen. Toen moest de raaf een smoesje verzinnen. Hij had zogenaamd last gehad van een waterslang bij het halen van het water. Deze waterslang nam hij daarom maar mee in zijn bek. Apollo was woedend. Hij veroordeelde de raaf tot het eeuwig dorstig zijn. Dat maakte dat hij een schorre stem kreeg. Waterslang (hydra),  raaf (corvus)  en waterbron (crater) kwamen als sterrenbeelden dicht bij elkaar aan de hemel te staan.

Vanochtend hoopte ik Mercurius aan de ochtendhemel te kunnen zien. Mercurius, de planeet die het dichtste bij de zon staat, zie je in Nederland zelden. De ogenschijnlijke afstand tot de zon is zo klein dat hij altijd dicht bij de horizon staat en daar staan in Nederland bijna altijd wolken. Eergisteren was de schijnbare afstand zo groot dat onder goede omstandigheden deze planeet te zien had kunnen zijn. Helaas, het was die dag bewolkt. Gisterochtend ook. Nu gaat hij elke dag alweer snel richting zon en is de kans om hem te spotten veel kleiner. Zo ook vanochtend toen het eindelijk weer een keer helder was. Ik zag wel Mars, die ook nog steeds heel dicht bij de zon staat, maar deze planeet was wel net te zien. Behalve het sterrenbeeld maagd zag ik ook het sterrenbeeld Corvus, de raaf. Ook dat sterrenbeeld zie je niet zo vaak, maar nu was het supergoed te zien.  De waterslang stond te dicht bij de horizon, op misschien een enkele ster na heb ik dat beeld gemist. Ook Crater de waterbron, was te zien. Het hele mythologische verhaaltje staat nu elke ochtend getekend aan de sterrenhemel! Dit alles zag ik om kwart voor zeven in de ochtend aan de zuid-oostelijke hemel. Het lichtpuntje zeer laag bij de horizon, links van het midden, bijna achter een wolk, is Mars. De andere sterren kun je lokaliseren aan de hand van het sterrenkaartje dat ik heb bijgevoegd.

2019-11-20-ochtendhemel-zo

2019-11-20-ochtendhemel-zo-map

corvus

Op een foto die ik om half acht exact maakte zag ik een sterretje. Ik pakte thuis mijn programma erbij en stelde het in op half 8 en jawel: het was Mercurius! Toch nog gezien! Mercurius staat dus op de afbeelding hier onder, bijna helemaal links, halverwege de zwarte wolkjes en de bovenkant van de foto. Een goed scherm is noodzakelijk, op je smartphone zie je hem denk ik niet.

mercurius

Op dit uur waren de ganzen bijzonder actief. Ze verwelkomden de naderende ochtend.

En nog een uur later werden alle eerdere beelden overschaduwd door het grootse beeld van de zonsopkomst. Ik zag Apollo zelf: Apollo Helios, Apollo de Zon, zoals hij later ook werd genoemd. De Raaf was weg, maar zijn meester verscheen in volle glorie.

zonsopgang

zonsopgang3

Een aantal foto’s van 6:45 tot 8:45: Van raaf tot zonnegod

 

Geplaatst in natuur | Tags: , , , | Een reactie plaatsen

Missa Solemnis

In 1815 vindt het Weens congres plaats. Graaf von Metternich zit de vergaderingen voor, alle hotemetoten van Europa zijn bij elkaar om de nieuwe toestand te bespreken nadat Napoleon voorgoed is verslagen. Zoals bekend wil men vooral af van het fenomeen “republiek”. Zowel Nederland als Frankrijk worden daardoor een koninkrijk. Het congres duurt heel erg lang, Genoeg tijd om te feesten. Van Beethoven worden speciaal voor die gelegenheid gecomponeerde werken uitgevoerd: “Der Glorreiche Augenblick” en “Wellingtons Sieg.” Allebei deze stukken worden met veel enthousiasme ontvangen. Beethoven was hot.

Hij kon hier niet lang van nagenieten. Hij kreeg veel persoonlijke tegenslagen, zijn broer stierf aan tuberculose en hij nam de voogdij van diens nog jonge zoontje op zich, wat hij eigenlijk niet kon waar maken. Tegelijk was hij zo doof geworden dat hij niet meer in het openbaar de solopartij van zijn eigen pianoconcerten kon spelen. Er kwam een nieuwe kwaal bij: zijn gezichtsvermogen wers steeds slechter zodat hij veel moeite had met de correctie van zijn eigen nieuwe composities. En hij kreeg ook nog eens heel veel spijsverteringsklachten.

aartshertog rudolphAartshertog Rudolph (wikipedia)

Toen kreeg hij van zijn vroegere leerling, aartshertog Rudolph, het verzoek om een mis te schrijven die uitgevoerd zou moeten worden bij de plechtigheid ter gelegenheid van zijn bisschopswijding in Olmütz .
(Rudolph was de twaalfde en jongste zoon van keizer Leopold II. In 1816 was hij toegetreden tot de geestelijke stand en in 1818 was hij door de paus tot kardinaal benoemd. In 1819 werd hij dan aartsbisschop van Olmütz. De aartshertog was muzikaal, steunde Beethoven, en componeerde ook zelf. Beethoven droeg twee pianotrio’s aan hem op. In 1831, vier jaar na de dood van Beethoven stierf hij en werd hij bijgezet in het imposante koningsgraf in de Kapuzinergruft in Wenen.)

Beethoven lukte het niet om deze opdracht op tijd klaar te hebben. Hij werkte er nog tot 1822 aan en ook in de daaropvolgende twee jaar bleef hij er aan schaven. Maar wie ging zijn stuk betalen en wie ging het uitvoeren? Terwijl het werk nog in de maak was benaderde hij meerdere uitgevers. Hij kreeg hier en daar alvast een voorschot maar er kwam geen mis. Beethoven was trouwens niet tevreden met deze uitgevers, andere werken van hem, zoals de bagatellen opus 119 werden door uitgever Peters geweigerd omdat ze ‘van onvoldoende niveau waren.’ (En ze zijn zo mooi…) Hij begon allerlei maecenassen aan te schrijven en sprokkelde op die manier opnieuw geld bij elkaar. Het werk zou bij deze formule uitgevoerd moeten worden op meerdere plaatsen. Uiteindelijk bleek pas in 1824 de tijd rijp voor in ieder geval de eerste uitvoering, en wel eentje in Wenen zelf. Inmiddels was ook de negende symfonie klaar gekomen. Maar: de mis zou gespeeld gaan worden met enkele aanpassingen. De tekst mocht niet in het Latijn worden gezongen, er kwam dus een Duitse vertaling. En het “Gloria” en “Sanctus-Benedictus” werden weggelaten. Tandenknarsend ging Beethoven met deze aanpassingen akkoord. De uitvoering was een doorslaand succes, er kwam al snel een tweede uitvoering, maar nu moest ook een werk van Rossini erbij… Niet veel later werd de volledige versie met de Latijnse tekst in Sint Petersburg uitgevoerd. Pas een jaar later kreeg uitgeverij Schott het alleenrecht tot uitgave. En die bracht het pas vlak voor de dood van Beethoven in 1827 uit. Hieronder het document waarbij Beethoven aan uitgever Schott het alleenrecht tot uitgeven verleent. (wikipedia)

document aan uitgever schott 1825

Beethoven vond het zijn beste werk. Hij had er al zijn ziel en zaligheid in gelegd. Vooral in het muzikaal uitbeelden van de tekst. Er is een document bekend waarop hij de complete Latijnse tekst schreef en van elk woord zette hij er apart de Duitse vertaling bij. Vlak voordat hij in 1818 met het werk begon, in een periode dat hij weinig schreef en zich in een crisis bevond, had hij zich helemaal gestort op het bestuderen van twee werken. Om te beginnen bestudeerde hij het “Wohltemperiertes Klavier” van Bach. En daarnaast had hij de partituur van de Messias van Händel laten komen.

Beide invloeden kun je goed terug horen in onderstaand fragment uit het Credo. De orkestratie van zijn Missa Solemnis is exact gelijk aan die van de Messias. En Bach herkennen we in zijn contrapuntische uitwerkingen. Dit fragment bevat de een na laatste zin uit het Credo. Het hier aan voorafgaande onderdeel, waarin onder meer staat “ik geloof in een ondeelbare (catholicam) kerk”, laat hij helemaal ondersneeuwen. Beethoven was katholiek zoals vrijwel iedereen in Wenen, maar daar had hij niets mee. Wel geloofde hij in een leven na de dood:

Et vitam venturi saeculi: En ik geloof dat er een eeuwig leven zal zijn

Het is uitgewerkt als een magistrale fuga. In het begin hoor je vooral de eeuwigheid, maar het wordt steeds meer het juichende gevoel van de verlossing, zeker als op een gegeven moment het thema in de verkleining wordt gezongen. Achter dit fragment komt nog een lange uitwerking van het woord “amen”.

De opname is live opgenomen door BBC radio 3 in de Barbican Hall in Londen. Uitvoerenden Lucy Crowe, sopraan, Jennifer Johnston, Mezzo-sopraan, James Gilchrist, tenor, Matthew Rose, bas, het Monteverdi Choir en het Orchestre Revolutionnaire et Romantique o.l.v. Peter Hanson en John Eliot Gardiner. Uitgebracht op CD, www.solideogloria.co.uk

In een eerder blog schreef ik over drie andere fragmenten van deze mis.

Literatuur:

  • Beethoven in zijn brieven. Jos van der Zanden. Gottmer, Haarlem, 1997. ISBN 90 257 2893 6 / NUGI 924
  • Beethoven, genie en wereld. Uitgeverij Heideland, Hasselt 1969
  • Beethoven Handbuch, Sven Hiemke. Bärenreiter/Metzler, 2009. ISBN 978-3-7618-2020-9
  • Verzamelde brieven Beethoven in 5 banden. Schuster & Loeffler, Berlin und Leipzig, 1908
Geplaatst in Geschiedenis, muziek | Tags: , | Een reactie plaatsen